Nieuws en Agenda

Gepubliceerd op 19 januari 2012

Nederduitse dialecten hebben drie graden van klinkerlengte

Dinsdag 31 januari 2012, 14:00 uur

Promotie

Mw. M. Prehn/ Taalwetenschap
Vowel quantity and the fortis - lenis distinction in North Low

Germaanse talen zoals het Duits hebben twee graden van klinkerlengte. Zo zijn er woorden als bitten (verzoeken) vs. bieten (bieden). Over het Nederduits (ND), dat bestaat uit een aantal dialecten gesproken in het Noorden van Duitsland,  wordt echter beweerd dat deze taal drie graden van klinkerlengte heeft.  Zo bestaat in het ND  ik zit (korte klinker), de Siet (lange klinker), en de Sied (overlange klinker). Maike Prehn onderzocht welk prosodisch kenmerk primair is in de ND–dialecten. Prosodie heeft betrekking op het ritme, de klemtoon en de intonatie van de stem bij het uitspreken van een zin of zinsdeel. Daarmee kan iemand bijvoorbeeld horen of een zin bedoeld is als vraag of als opmerking, of de spreker serieus is of juist ironisch. Prehn laat zien dat er een belangrijk verschil is tussen fortis (stemloze) consonanten vs. lenis (stemhebbende) consonanten. Dit verschil is gebaseerd op de structurele complexiteit van deze twee consonanten. Op basis van haar onderzoek kan Prehn het ND indelen bij de talen die drie fonetische graden van  klinkerlengte hebben, maar die een binair contrast in klinkerlengte hebben op fonologisch oppervlakteniveau.

Promotor

dhr. prof. dr. P.P.G. Boersma

Locatie

Oudezijds Voorburgwal 231
1012 EZ  Amsterdam

Deelname

Toegang vrij
Bron: UvA Persvoorlichting
|