HR-Agenda: Notities voorlopig vastgesteld en aan medezeggenschap voorgelegd

Notities over loopbaanbeleid en de balans vast/tijdelijk personeel

16 mei 2017

Het College van Bestuur heeft vorige week de laatste twee beleidsnotities die deel uitmaken van de HR-Agenda 2015-2020 vastgesteld. Er is aan de Centrale Ondernemingsraad gevraagd om in te stemmen met deze notities over het loopbaanbeleid van wetenschappelijk en ondersteunend personeel en over de balans tussen tijdelijk en vast personeel.

Modern HR-beleid

Met de vernieuwde HR-Agenda wil de UvA haar ambities op het gebied van onderwijs en onderzoek, die in het UvA Instellingsplan 2015-2020 staan, ondersteunen met een passend en modern HR-beleid. De HR-agenda omvat vijf prioriteiten die nader zijn uitgewerkt in beleidsnotities, inclusief een implementatieplan.  Naast de eerder genoemde twee notities bestaat de HR-Agenda uit notities over jaargesprekken, leiderschapsontwikkeling en strategische personeelsplanning. Deze drie notities werden al eerder door het CvB voorlopig vastgesteld en ter instemming voorgelegd aan de medezeggenschap.

Samenhang

Alle beleidsnotities in de HR-Agenda hebben een duidelijke samenhang. Ze zijn wat betreft visie en beleidskeuzes op elkaar afgestemd. In lijn met de ambities uit het UvA Instellingsplan, ligt de focus op transparant en goed werkgeverschap,  verdere leiderschapsontwikkeling , talentontwikkeling en duurzame inzetbaarheid.

Een belangrijk HR-principe in de beleidsnotities is de volwaardige arbeidsrelatie tussen werknemer en werkgever.

Bij de totstandkoming van de notities hebben de HR-beleidsstaf en de P&O-verantwoordelijken van de faculteiten en diensten in een uitgebreid en interactief advies- en consultatietraject nauw samengewerkt met faculteiten, diensten en experts. Ook zijn er veel gesprekken geweest met de medezeggenschap.

Het CvB verwacht direct na de zomer, na instemming van de medezeggenschap, alle vijf de notities definitief vast te stellen en met de implementatie van het beleid te kunnen starten.

Gepubliceerd door  Universiteit van Amsterdam