De wetenschap achter dagdromen
Psycholoog Birte Forstmann ontvangt VIDI-subsidie voor onderzoek naar ‘task-unrelated thoughts’
Afdwalen en dagdromen maken een groot deel uit van ons dagelijks denken. Wat gebeurt er op die momenten in ons brein? Psycholoog Birte Forstmann ontving een VIDI van bijna € 800.000 voor een onderzoek hiernaar.
We zijn druk bezig met ons werk en plotseling dwalen onze gedachten af naar andere zaken: vakantie, familie, de boodschappen. Wat gebeurt er op zo’n moment in ons brein? Psycholoog Birte Forstmann ontving een VIDI van bijna € 800.000 voor een onderzoek hiernaar.
De meeste studies op het gebied van cognitive sciences richten zich op de manier waarop mensen denken en zich gedragen als ze volledig geconcentreerd zijn op de taak die ze moeten uitvoeren. Het is echter maar de vraag in hoeverre mensen continu gefocust zijn. Het onderzoek van psycholoog Birte Forstmann richt zich juist op de momenten van dagdromen of afdwalen, ook wel task-unrelated thoughts (TUTs) genoemd. Forstmann: ‘Tijdens een gedragsexperiment dwalen je gedachten bijvoorbeeld af naar je vakantie, je familie et cetera. Je reactiesnelheid kan lager worden, en je maakt meer fouten. Hoewel TUTs zowel praktisch als theoretisch zeer relevant zijn – dagdromen maakt een groot deel uit van ons dagelijks denken – is er nog maar weinig onderzoek gedaan naar wat het precies zijn en hoe het brein zich gedraagt.’
Neurowetenschappelijke benadering
Forstmann kiest voor haar onderzoek een unieke, neurowetenschappelijke benadering, waarbij ze eerst kwantitatieve modellen wil gebruiken om een beschrijving te geven voor de “prestaties” van de proefpersonen – hoe goed volbrengen zij de aan hen voorgelegde taken? Vervolgens gebruikt ze deze kwantitatieve modellen in combinatie met geavanceerde MRI-techieken. Daarmee kan ze de latente processen die verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van TUTs in beeld brengen én individuele verschillen kwantificeren.
‘In onderzoek dat nu toe is gedaan, werd een aantal aannames gedaan over dagdromen of TUTs, zoals bijvoorbeeld dat langzaam of verkeerd reageren een indicatie is voor een TUT. Dat hóeft natuurlijk niet – mensen kunnen ook langzamer reageren of fouten maken doordat ze de opdrachten moeilijk vinden. En ook supersnel reageren kan ook indicatief zijn voor een TUT – mogelijk gokt iemand zomaar een antwoord.’
Daarnaast werd in de meeste onderzoeken geen MRI gemeten, en probeerden wetenschappers er door middel van zelfrapportage achter te komen wanneer proefpersonen last hadden gehad van mind wandering. ‘Uiteraard is dat erg lastig om achteraf antwoord op te geven – je moet terugkijken op de momenten dat je werd afgeleid en bovendien moet je toegeven dat je er niet altijd bij was met je hoofd. Dat maakt de gegevens niet erg betrouwbaar. Juist door ook de MRI-gegevens erbij te betrekken, kunnen we objectieve gegevens verzamelen over TUTs.’
Forstmann’s hypothese is dat de cortico-subcorticale netwerken een hoofdrol spelen bij het ontstaan van mind wandering. De geplande experimenten met beeldtechnieken ofwel neuroimaging richten zich dan ook specifiek op deze netwerken.
Chauffeurs en piloten
Het onderzoek van Forstmann, waarbij in totaal ongeveer 110 proefpersonen betrokken zullen worden, is in eerste instantie fundamenteel – wat gebeurt er precies in het brein als het afdwaalt? Toch denkt de psycholoog met het onderzoek ook een aanzet te kunnen geven voor verder onderzoek naar en oplossingen voor concentratieverlies. Hierbij valt te denken aan mensen die last hebben van ernstigere concentratiestoornissen zoals bij ADHD. Of aan mensen die het zich vanwege de aard van hun werkzaamheden niet kunnen veroorloven om te dagdromen, zoals chauffeurs of piloten. ‘In een aantal gevallen kunnen TUTs dramatische gevolgen hebben zoals in het geval van verkeersongelukken en beroepsfouten. Als we meer te weten komen over de mechanismes achter dagdromen, kunnen we wellicht ook voorkómen dat mensen afdwalen.’
Het onderzoek neemt in totaal vijf jaar in beslag en wordt uitgevoerd door Forstmann (projectleider), een aio, een postdoc die verantwoordelijk is voor de mathematische modellen en een onderzoeksassistent.
Auteur: Esther van Bochove, FMG Communicatie
