Waarom leert de één wel van zijn fouten en de ander niet?

4 januari 2010

Psycholoog Mike Cohen gaat onderzoeken waarom impulsieve mensen geneigd zijn hun fouten vaker te herhalen. Hij ontving daarvoor een Vidi van € 800.000.

Mensen leren van de fouten die ze maken. Maar niet iedereen leert even goed; sommige ezels stoten zich meerdere malen aan dezelfde steen. Psycholoog Mike Cohen onderzoekt hoe dat komt, en waarom impulsieve mensen geneigd zijn hun fouten vaker te herhalen. Hij ontving een Vidi van € 800.000 voor zijn onderzoek.

Proefpersonen krijgen de opdracht om de kleur te noemen van de letters waaruit het woord bestaat dat ze voor zich zien. Op het beeldscherm verschijnt de tekst ‘GEEL', in rode letters. Grote kans dat de proefpersoon als antwoord ‘geel' geeft in plaats van ‘rood'; niet de tekstkleur, maar het woord zelf beïnvloedde zijn antwoord. Als de proefpersoon het vervolg van de test doet, maak hij weinig tot geen fouten meer. ‘De hersenen hebben van hun fout geleerd; dat doen ze door middel van interactie tussen verschillende hersengebieden', vertelt Mike Cohen. ‘Die gebieden delen informatie met elkaar en vormen op deze manier een team. Het verbindingsstuk tussen deze hersengebieden is de witte stof, een soort snelweg waarover alle informatie wordt getransporteerd. Het is de fysieke, biologische connectie tussen de hersenen.'

Fouten in de communicatie

Het brein kent ook functionele verbindingen: de hersengebieden zenden elektrische signalen naar elkaar uit, zodat ze met elkaar kunnen communiceren. Om te leren van fouten, moeten deze signalen op elkaar afgestemd, gesynchroniseerd worden. Cohen gaat tijdens zijn studie onderzoeken hoe dat precies gebeurt en hoe fouten in deze communicatie kunnen ontstaan. Daarbij geeft hij speciale aandacht aan impulsief gedrag. Cohen legt uit: ‘Impulsieve mensen maken vaker dezelfde fouten dan mensen die bedachtzamer zijn. Ik wil graag weten hoe dat komt. Mijn hypothese luidt, dat de elektrische signalen bij impulsieve mensen minder gesynchroniseerd zijn dan bij anderen: hun hersengebieden communiceren simpelweg minder effectief met elkaar. Daarnaast is het mogelijk dat de fysieke verbindingen tussen de hersengebieden minder goed ontwikkeld zijn. Om dat te onderzoeken, bestuderen we de fysieke connecties door middel van MRI, en de functionele verbindingen door middel van EEG.'

Stoppen of doorrijden?

Cohen heeft een flinke range aan experimenten samengesteld voor zijn proefpersonen. Zo maakt hij gebruik van het ‘go-no go'-experiment. Daarbij wordt de proefpersonen een dilemma voorgelegd: je hebt haast en je komt aanrijden bij een kruising waarvan het stoplicht groen staat. Van links nadert een auto met hoge snelheid. Hij heeft dus geen voorrang, maar hij rijdt hard en lijkt niet van zins te stoppen. Wat doe je? Cohen: ‘Om jezelf te beschermen, is remmen uiteraard de beste optie. Die auto stopt immers niet. Impulsieve mensen echter, zullen naar alle waarschijnlijkheid eerder een ‘go' geven, ze denken aan hun kortetermijndoel: op tijd komen. Hun hersenen zijn blijkbaar niet goed in staat om hun gedrag te reguleren. Ik wil graag weten waar die verschillen vandaan komen.' Cohen benadrukt overigens dat impulsief gedrag niet samenhangt met een lager IQ. ‘Over de beslissing om niet te stoppen terwijl een auto zo hard komt aanrijden, zou je kunnen denken dat dat niet slim is. Maar het interessante is: ook intelligente mensen geven blijk van impulsief gedrag. Kijk naar de bankiers die de kredietcrisis veroorzaakten. Dat zijn extreem intelligente mensen, maar ook zij focusten op kortetermijnwinsten en keken niet verder dan het nu.'

Het onderzoek van Cohen duurt 5 jaar. Behalve hijzelf werken er nog twee aio's mee aan het project.

Auteur: Esther van Bochove, afdeling Communicatie FMG

Gepubliceerd door  Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen