In memoriam: Jos de Beus (27 november 1952 – 16 januari 2013)
Woensdag aan het begin van de avond is Jos de Beus na een lang ziekbed overleden. Hij was slechts zestig jaar. Jos was jarenlang een toonaangevende hoogleraar binnen de Nederlandse Politicologie.
Zijn wetenschappelijke en politieke belangstelling was zeer breed en strekte zich uit over vele terreinen. Hij was een heel zichtbare vertegenwoordiger van de discipline, niet alleen als voorzitter van de Nederlandse Kring voor Wetenschap der Politiek, maar ook door zijn gepassioneerde deelname aan het publieke debat.
Jos werkte aan verschillende universiteiten en in meerdere disciplines. Na zijn studie Politicologie in Nijmegen startte hij zijn academische carrière aan de economische faculteit van de Universiteit van Amsterdam. Aan deze faculteit promoveerde hij in 1989 op het proefschrift 'Markt, democratie en vrijheid’. In zijn bekroonde proefschrift staat het denken over vrijheid bij drie belangrijke theoretici centraal, Buchanan, Hayek en Sen. In 1990 was hij visiting scholar aan Harvard University en vervolgde hij zijn loopbaan in Nederland als bijzonder hoogleraar Politieke Filosofie aan de Universiteit Twente. Van 1995 tot 1998 bekleedde hij de leerstoel Sociale Filosofie en Ethiek aan de Rijksuniversiteit Groningen. In 1998 volgde zijn benoeming tot hoogleraar Politieke Theorie en Politieke Cultuur aan de Universiteit van Amsterdam.
Jos de Beus was een zeer belezen en originele wetenschapper, die op creatieve wijze verbanden legde tussen verschillende theoretici en stromingen. Hij was een groot liefhebber van het politieke en wetenschappelijke debat, met collega’s, maar zeker ook met studenten, die hij benaderde als gelijkwaardige gesprekspartners. Alles stond in principe altijd ter discussie, ook zijn eigen standpunten.
Hij was lid van de PvdA en vervulde enkele belangrijke taken voor die partij. Zo was hij jarenlang nauw betrokken bij het werk van de Wiardi Beckman Stichting, het wetenschappelijke bureau van de PvdA, en voorzitter van de commissie die het verkiezingsprogramma 1994 schreef. De inleidende beschouwing over het Rijnlands model van de verzorgingsstaat, droeg in belangrijke mate zijn sporen. In de jaren daarna werd hij steeds kritischer over het functioneren van de PvdA en haar leiders. Hij ergerde zich aan bange politici die geen impopulaire doorbraken wisten te forceren en richtte zijn kritiek ook op PvdA premier Wim Kok: ‘In zijn soort is Kok een groot man, maar het soort zelf is klein’. Dezelfde afweging bracht hem ertoe om in 2006 tot verbijstering van velen op Balkenende te stemmen. Zijn oratie uit 2001, ‘Een primaat van politiek’ stond in belangrijke mate in het teken van een analyse van de problemen van de Nederlandse consensusdemocratie. Hij introduceerde het begrip ‘toeschouwersdemocratie’ in het Nederlandse debat en bepleitte een hergroepering van de politieke partijen in het politieke midden.
Het Europa debat zoals zich dat in Nederland na 2002 ontwikkelde beviel hem geenszins. Het afnemende enthousiasme voor de Europese integratie weet hij in belangrijke mate aan politici die in het publieke debat vooral het nationale belang centraal stelden. De wijze waarop de media over Europa berichtten kon evenmin op veel waardering rekenen.
In het publieke debat mengde Jos zich nadrukkelijk en met grote passie. Hij genoot van zijn rol als columnist voor het zondagse televisieprogramma Buitenhof. Menig collega op de afdeling werd geraadpleegd over de juiste argumenten en uitgedaagd zwakke punten in het betoog bloot te leggen.
In het onderwijs van de afdeling Politicologie was hij jarenlang een van de dragende krachten van het tweedejaars programma De Democratische Samenleving, stimuleerde hij het debat over het populisme en het conservatisme en wist veel studenten enthousiast te maken voor zijn vakgebied. Vele studenten hebben van zijn onderwijs en belezenheid genoten en veel van hem geleerd. Voor de staf en medewerkers van de afdeling was hij een fantastische collega, altijd goed gehumeurd en altijd stimulerend in zijn kritiek.
In de zomer van 2009 werd Jos plotseling getroffen door een ziekte, die medici voor een raadsel stelde en die hem lichamelijk en later ook geestelijk volkomen uitputte. In de laatste jaren van zijn leven ontstond een stilte om hem heen, die in schril contrast stond met de energieke, erudiete en creatieve mens die hij was. We zullen hem blijven missen.
