Huisvestingsontwikkeling

Gepubliceerd op 2 mei 2003

Waarom clustering?

In wetenschappelijk onderwijs en onderzoek wordt samenwerking, ook tussen verschillende disciplines, steeds belangrijker. Het is daarom van toenemend belang dat wetenschappers van verwante disciplines in elkaars nabijheid zijn gehuisvest. Door disciplines te clusteren en in een samenhangend geheel van gebouwen onder te brengen, wordt een goede voedingsbodem gecreëerd om samen te werken in nieuwe onderzoek- en onderwijsprojecten die over de grenzen van de traditionele disciplines heen reiken. Verder vergroot deze fysieke en organisatorische samenvoeging de kans dat wetenschappers kennisnemen van nieuwe methoden en technieken uit aanverwante disciplines die zij desgewenst vervolgens kunnen toepassen.

De UvA is nu nog zeer verspreid gehuisvest in 65 gebouwen, met als gevolg enorm hoge kosten om alle verschillende gebouwen in stand en toegankelijk te houden. Want voor elk gebouw is een portier nodig, voor elke bibliotheek een baliemedewerker. Wanneer de universiteit meer geconcentreerd is gehuisvest, is het mogelijk efficiënter te werken en kunnen voorzieningen bijvoorbeeld zeven dagen in de week toegankelijk zijn.

De spreiding over verschillende gebouwen met diverse losse eenheden biedt bovendien nauwelijks ruimte voor flexibiliteit, terwijl de snel wisselende studentenaantallen dit wel vereisen. Wanneer men in grotere eenheden is gehuisvest kan, waar nodig, worden uitgedijt of ingekrompen.

De geplande concentratie van verwante disciplines zal plaatsvinden in vier clusters: alfa, bèta, gamma, medisch; respectievelijk op het Binnengasthuisterrein, in de Watergraafsmeer, op het Roeterseiland en in Amsterdam-Zuidoost. Naast beperking van beheerskosten, verhoging van de efficiëntie en een vergroting van de herkenbaarheid van de UvA, heeft deze clustering tot voordeel dat onderlinge samenwerking en het opzetten van nieuwe onderwijs- en onderzoekprogramma’s eenvoudiger gerealiseerd kunnen worden.

Bron: bureau Communicatie
|