Docenten
Algemene sociale wetenschappen
Dr. Thea Dukes
De naam ‘Algemene sociale wetenschappen’ (ASW) klinkt misschien wat vrijblijvend, maar dat is zeker niet het geval. ASW biedt je een brede sociaal-wetenschappelijke theoretische basis, in combinatie met een scherpe, interdisciplinaire focus. Wat bedoel ik daarmee?
‘Na jaar 1 en 2 komen alle kennis en vaardigheden samen in de Bachelorscriptie’
Je maakt eerst kennis met de perspectieven van een aantal wetenschappelijke disciplines afzonderlijk en vervolgens leer je om die te combineren bij de benadering van een bepaald maatschappelijk vraagstuk. Dat gebeurt al meteen in het eerste studiejaar, aan de hand van het thema ‘in- en uitsluiting’. Die zogenoemde ‘interdisciplinaire’ benadering vormt de rode draad in de opleiding, met de keuze voor een bepaald ‘minor’ programma en een thematisch ‘domein’. Op deze website worden zij uitgebreid beschreven.
Nadat je in de eerste twee jaar jouw eigen lijn hebt uitgezet, komen alle kennis en vaardigheden samen in het onderzoek voor de Bachelorscriptie: het toepassen en integreren van informatie, data, onderzoeksmethoden, perspectieven, concepten en theorieën uit meerdere sociaal-wetenschappelijke disciplines. En precies daarin schuilt volgens mij de vernieuwing; wanneer je op de snijvlakken van verschillende disciplines werkt en je niet laat beperken door disciplinaire grenzen. Niet alleen betekent het dat je een bepaalde vraagstelling anders benadert, ook kom je vanuit die benadering weer tot ander soort vraagstellingen.
Het vernieuwende karakter kan ‘m bovendien ook zitten in het combineren van uiteenlopende onderzoeksmethodes.
Ook al bestond de opleiding ASW nog niet toen ik zelf studeerde, toch heb ik een heel vergelijkbare weg afgelegd, met een achtergrond in geografie en psychologie en een focus op grootstedelijke vraagstukken. Toen ik begin 2010 bij ASW begon, had ik al tien jaar als onderzoeker bij Sociale geografie gewerkt, en daar veel stedelijk onderzoek gedaan rond thema´s als ´sociale cohesie’, ´herstructurering van achterstandswijken´, ‘diversiteit en identiteit’, etc. Die onderzoeken, veelal in internationaal verband, waren vooral interessant omdat onderzoekers met verschillende disciplinaire achtergronden met elkaar samenwerkten. En ook mijn proefschrift over Europees gebiedsbericht stedelijk beleid, had weliswaar een sterk geografisch karakter, maar voor de beantwoording van de vraagstelling moest ik me verdiepen in allerlei andere disciplines (bestuurskunde, planologie en sociologie) en onderzoeksmethodes.
‘ASW biedt een keur aan mogelijkheden’
Bij ASW voel ik me dan ook als een vis in het water. De opzet van de opleiding spreekt me zeer aan en biedt de gelegenheid deze kennis in te brengen en uit eigen onderzoekservaringen te putten. Bovendien sleep ik graag anderen mee in mijn passie voor de stad, zowel tijdens een vak, als buiten de deur. Ik vind niets heerlijker dan uren ronddwalen door de uithoeken van een stad, liefst daar waar zich merkbaar veranderingen voltrekken, waar het op een of andere manier zindert. In Amsterdam behoort de Indische Buurt tot mijn grote favorieten; tien jaar geleden nog boven aan het lijstje van de Amsterdamse ´achterstandswijken´, maar de afgelopen jaren, mede door haar gunstige ligging, in de lift gekomen. Het stadsdeelbestuur en de woningcorporaties zagen kansen en hebben met hun investeringen initiatieven gestimuleerd en zo de nodige levendigheid in de buurt gebracht. Studio/K is een goed voorbeeld, net als het recent opgeknapte Javaplein, dat gaandeweg een bruisend ontmoetingspunt is geworden voor mensen van diverse pluimage.
Maar goed, grootstedelijke problematiek ís natuurlijk maar een voorbeeld, want ASW biedt een keur aan mogelijkheden. Er is voor elk wat wils; in die zin is ASW een soort interdisciplinair luilekkerland.
