Iris Hettelingh

Studieadviseur Wiskunde, Natuur- en sterrenkunde en Scheikunde

Iris Hettelingh, Topologie, 1991

Wat kun je nou in vredesnaam worden als je wiskunde hebt gestudeerd?
Een vraag die ik mij vroeger ook heb gesteld, een vraag die ik nog vrijwel dagelijks als volgt beantwoord: “Je hebt geleerd logisch te denken en als je daarnaast ook nog een beetje sociaal vaardig bent en je niet de eis stelt dat het werk perfect moet aansluiten op je afstudeeropdracht, kun je eigenlijk overal terechtkomen. Neem mij als voorbeeld, na mij studie wiskunde ben studieadviseur aan de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica geworden”.

Het werkt geruststellend een beroep te noemen waarbij studenten of scholieren zelf nog geen link met de opleiding wiskunde gelegd hadden. Immers, zo denken ze, een studieadviseur is iemand die je helpt als je problemen hebt met de planning van je studie, die jou wil spreken als je slechte studieresultaten hebt gehaald, die antwoord weet op vragen in verband met studiefinanciering, die zich bezighoudt met de organisatie van het onderwijs, die de studiegids maakt, die aankomende studenten voorlicht, en die je kunt inschakelen als iets niet naar je wens verloopt, .... maar moet je daar nou wiskunde voor hebben gestudeerd?

In dit beroep komt die wiskunde vaker van pas dan je in eerste instantie zou denken. Geen werkdag van een studieadviseur lijkt op de dag zoals je die vooraf in gedachten had. Sterker nog, meestal doe ik juist niet wat ik die dag wilde doen. Het komt me dan ook bijzonder goed uit, dat ik enigszins geleerd heb ergens structuur in aan te brengen.

Het werken met Windows vraagt ook om systematisch denken, zeker als het gaat om een computer met flink wat geheugen. Je opent maar en je opent maar ... stapels werk liggen over elkaar heen. Toch een geruststelling dat het werk in ieder geval enige vorm van continuïteit bezit ook al lijkt dat soms niet zo.

De meeste studieadviseurs zitten met het dilemma van de open of gesloten deur. Enerzijds moet de deur openstaan voor studenten om de drempel laag te houden. Zeker bij bètastudenten die toch al niet snel naar de studieadviseur stappen, is dat van groot belang. Anderzijds zal de deur toch ook een aantal uren in de week gesloten moeten zijn om de acties die moeten worden ondernomen te concretiseren, beleid te ontwikkelen, verslagen te maken en de telefoon en e-mail te beantwoorden. Geen probleem voor een studieadviseur met een wiskundige achtergrond, die kent het bestaan van de ‘clopen’ (closed-open) deur.

Het moge duidelijk zijn dat de opleiding wiskunde een essentiële, ja zelfs nodige voorwaarde is om het beroep studieadviseur stressvrij uit te kunnen oefenen. En toch zijn er nog altijd mensen die beweren dat je wiskundigen maar het beste in hun ivoren torentjes kunt ‘laten spelen’. Ze moesten eens weten dat ze zich dagelijks door ‘dat soort’ laten adviseren!

Gepubliceerd door  Faculteit Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica

30 augustus 2012