Science Research at UvA-VU: SOLARDAM

9 februari 2015

Het jaar begon goed voor SOLARDAM: twee jaar na oprichting kreeg het consortium in januari startkapitaal voor acht postdocs. Wat de initiatiefnemers betreft gaan die zo snel mogelijk aan de slag. ‘Wij zijn scheikundige, natuurkundige of bioloog; dit worden echt SOLARDAM-mensen.’

Highlight Solardam

Complementaire expertises

SOLARDAM onderzoekt de conversie van zonne-energie in elektriciteit of brandstof. Eind 2012 vond de eerste workshop plaats. Onder de dertig aanwezigen waren Tom Gregorkiewicz, hoogleraar opto-elektronische materialen aan het UvA Institute of Physics (IoP), en Joost Reek, hoogleraar homogene katalyse en directeur van het UvA Van 't Hoff Institute for Molecular Sciences (HIMS). Iedereen op de workshop was al vanuit zijn eigen discipline bezig met onderzoek naar energie uit de zon, vertelt Gregorkiewicz. ‘Maar het is complexe materie. Dus wij dachten: als je dat allemaal bundelt krijg je synergie, dan wordt het geheel sterker.’

Reek haakt in: ‘De afzonderlijke instituten hebben allemaal veel in huis, maar ergens stopt de expertise.’ Hij noemt een voorbeeld vanuit zijn eigen onderzoek, waar zijn team de mogelijkheden onderzoekt om water om te zetten in brandstof. Reek: ‘Onze kracht is het maken van de moleculaire componenten. Maar we hebben ook devices nodig voor die omzettingen. Kennis daarover halen we uit de literatuur, en dan gaan we knutselen. Dat is leuk, maar bij AMOLF zitten natuurkundigen die echte device-bouwers zijn. En bij de VU werken natuurkundigen die gespecialiseerd zijn in spectroscopische metingen aan licht invangen en ladingscheiding. Wat daaruit komt kunnen wij heel goed gebruiken. Op die manier zijn onze expertises heel erg complementair.’

Gregorkiewicz werkt onder meer aan het veranderen van de kleuren van het lichtspectrum. Ook biologen zijn daarin geïnteresseerd, ontdekte hij op de startbijeenkomst in 2012. ‘Bacteriën gebruiken vaak maar één of twee kleuren licht bij hun omzettingen, dus als je die wil gebruiken verlies je veel energie.’ Als natuurkundige weet hij manieren dat verlies te beperken: door ze bijvoorbeeld alleen dat licht aan te bieden dat ze daadwerkelijk gebruiken. Ook door bacteriën met andere lichtpigmenten uit te rusten kunnen ze mogelijk een groter deel van het spectrum gebruiken.

Samenwerken op Science Park Amsterdam 

Op verschillende plekken in de wereld werken consortia aan nieuwe vormen van zonne-energie, vertellen de twee onderzoekers. Ze zijn dan ook opgetogen dat ze de lopende Amsterdamse samenwerkingen met de postdoc-programma’s kunnen uitbreiden tot een coherent programma. Ook willen ze studenten interdisciplinair gaan opleiden. Het liefst zien ze de SOLARDAM-mers straks bij elkaar op één werkkamer op het Science Park – hoewel enkelen waarschijnlijk vanuit de VU zullen werken. Maar wellicht lost zich het locatieprobleem zich op den duur vanzelf op: in de nabije toekomst komen zowel het fotovoltaïsch onderzoek van ECN als een groot deel van de natuurkunde van de VU naar het Science Park. Maar ook nu al loopt de samenwerking gesmeerd. Gregorkiewicz: ‘De energie is geweldig.

Tekst:Jeroen Scharroo

Gepubliceerd door  Faculteit Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica