Promotie Uitgelicht: Sietse van der Post
Op 7 februari promoveert Sietse van der Post (1981) aan de UvA. Tijdens zijn promotieonderzoek aan het Van ’t Hoff Institute for Molecular Sciences (HIMS) bekeek hij springende watermoleculen.
Wat heb je gedaan?
‘Ik heb de bewegingen van watermoleculen bekeken met behulp van een laser. Het was al langer bekend dat watermoleculen bewegen in kleine sprongetjes. Maar wat er precies op moleculair niveau gebeurt, is nog onduidelijk. Watermoleculen zitten door middel van waterstofbruggen aan elkaar. Als een molecuul beweegt, moet minstens één brug worden verbroken. Het verbreken en vormen van deze bruggen gaat met een plotselinge draaibeweging.
Kort geleden is ontdekt dat watermoleculen in de buurt van waterafstotende stoffen zoals vetten minder snel bewegen. Er is nog veel discussie in het vakgebied waarom dit is en in welke mate. Wij hebben nu gevonden dat dat waarschijnlijk komt doordat het netwerk van waterstofbruggen rondom deze stoffen stijver is. Dit effect verdwijnt bij hogere temperaturen.’
Waarom wil je weten hoe watermoleculen bewegen?
‘Al het leven op aarde is gebaseerd op water; de meeste organismen bestaan voor meer dan 50 procent uit water. Het gaat te ver om te zeggen dat als je water begrijpt, je het leven begrijpt. Maar het is wel zo dat als je weet hoe een watermolecuul in elkaar zit, je meer snapt over hoe een celwand ontstaat,waarom een eiwit een bepaalde structuur aanneemt, enzovoort. Celmembranen bestaan bijvoorbeeld uit vetten. Daarom hebben weook gekeken naar watermoleculen in de buurt van vette stoffen.’
Hoe meet je de beweging van watermoleculen?
‘Dat is heel ingewikkeld. Een microscoop kan de moleculen niet zien omdat ze zo ontzettend klein zijn; ze zijn meer dan 1000 keer kleiner dan de golflengte van zichtbaar licht. Bovendien bewegen ze ontzettend snel. Als je een filmpje zou willen maken van een bewegende watermolecuul, heb je meer dan een biljoen beelden per seconde nodig. We kunnen de bewegingen gelukkig welmeten met een krachtige laser, die vlak achter elkaar twee pulsen uitzendt. De eerste puls doet een deel van de watermoleculen trillen, de tweede meet welke veranderingen die trillende watermoleculen ondergaan. Deze veranderingen geven informatie over hoe ze bewegen en hoe snel die trilling stopt.’
Wat vond je het leukste aan onderzoek doen?
‘Ik vond het fijn om zo veel vrijheid te hebben. Mijn onderzoek was ondergebracht bij AMOLF, en ik had daar echt mijn eigen project. Als ik een nieuw idee had, liep ik naar mijn laboratorium vijftien meter bij mijn kantoor vandaan en probeerde het uit. Ik hoefde niet maanden te wachten op goedkeuring, Wat ook prettig was, is dat ik vrij snel resultaten kreeg. Natuurlijk zat het ook soms tegen. Toch ging onderzoek doen me over het algemeen goed af. Wel ga ik nu de academischewetenschap verlaten. Ik ga werken op de onderzoeksafdeling van ASML, dus dat is meer toegepaste wetenschap. Ik heb er veel zin in!’
