Massagraf opvarenden Batavia gevonden

29 november 2017

Op Beacon Island, ook bekend als 'Murder Island', is een massagraf gevonden. De lichamelijk resten van zeker vijf personen en diverse artefacten zijn opgegraven. Dr. Liesbeth Smits, onderzoeker van de UvA, nam deel aan deze expeditie.

Het vergaan van het Nederlandse VOC-schip de Batavia in 1629 op de kust van West-Australië werd gevolgd door een waar en gruwelijk drama op een vlak bij het wrak liggend eilandje. In drie maanden tijd kwamen door muiterij en massamoord ruim 120 mensen om het leven. Tot op de dag van vandaag blijft dit een opmerkelijke gebeurtenis in de Nederlandse en Australische geschiedenis.

Archaeologists at work Paterson 2017DJI_0018

Foto: University of Western Australia

Archeologen aan het werk op het 'Murder Island'

Het verhaal van de Batavia is in de zeventiende eeuw opgetekend in boekvorm. Afgelopen weken hebben archeologen opnieuw menselijke resten ontdekt op ‘Murder Island’, het eiland dat officieel Beacon Island heet en onderdeel is van de Houtman Abrolhos eilanden. Het onderzoek is onderdeel van het Shipwrecks of the Roaring Forties-project, een internationaal samenwerkingsproject waar de Universiteit van Amsterdam aan deelneemt.

Op Beacon Island heeft het team van zeker vijf lichamen menselijke resten opgegraven, en diverse artefacten. 'In totaal zijn er nu resten van tien mensen ontdekt in de laatste drie jaar van ons onderzoeksproject, en hebben we waardevolle nieuwe informatie verkregen over de gebeurtenissen na het vergaan van de Batavia', aldus professor Dan Franklin van de Universiteit van West-Australië.

‘Isotopen analyses helpen ons om te bepalen waar deze mensen vandaan kwamen - verrassend genoeg kwamen er veel niet uit Nederland’, concludeert dr. Liesbeth Smits, onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam en een van de deelnemers aan de expeditie.

Het graf met de 5 lichamen

Professor Alistair Paterson, die het internationale project leidt: ‘Het massagraf dat deze maand is ontdekt, duidt op een zorgvuldige en respectvolle begrafenis en niet op gehaast werk van het verbergen van moordslachtoffers. Dit kunnen dus ook mensen zijn die stierven in de dagen nadat de groep het eiland was gestrand en voordat de muiterij en massamoorden plaatsvonden.'

Het project Shipwrecks of the Roaring Forties wordt gefinancierd en uitgevoerd door de Australian Research Council, het Western Australian Museum, de Nederlandse ambassade in Australië, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Nationaal Archief, Universiteit van Amsterdam, Prospero Productions, The Australasian Institute for Maritime Archaeology, en Tasmania Parks & Wildlife Service.

Gepubliceerd door  Faculteit der Geesteswetenschappen