Ineens stokt de leesvaardigheid – maar waarom?

Psychometricus Maarten Marsman ontwikkelt een wetenschappelijke theorie die diverse fenomenen in de ontwikkeling van leerlingen verklaart

19 september 2017

De psychometrie biedt het onderwijs de mogelijkheid om de ontwikkeling van leerlingen te monitoren. Het ontbreekt echter aan een verklaring van terugkerende fenomenen in deze ontwikkeling. Maarten Marsman, psychometricus bij de afdeling Psychologie van de UvA, ontving een Veni-subsidie om te komen tot een theorie die deze fenomenen verklaart en richting geeft hoe hierop te interveniëren.

Het Matteüseffect is een voorbeeld van zo'n fenomeen. Het verschijnsel is voor het eerst beschreven in de sociologie, en komt er op neer dat de rijken in een samenleving rijker worden, en de armen armer. Ook in het onderwijs doet het effect zich voor op een aantal vlakken, bijvoorbeeld leesvaardigheid. Maarten Marsman: ‘Als kinderen leren lezen, gaat dat min of meer gelijk op. Maar dan stokt de leesvaardigheid bij sommige leerlingen ineens. Eerst is er nog sprake van minieme verschillen, maar de problemen cumuleren en er ontstaat een toenemende kloof tussen goede en slechte lezers.’

Wanneer leesvaardigheid stagneert

Wanneer zo’n leesstagnatie zich voordoet hebben hoogopgeleide ouders doorgaans meer toegang tot middelen om hun kind te ondersteunen. Bijvoorbeeld door zelf leesonderwijs te geven, of door een remedial teacher in te schakelen. ‘Dit resulteert in een mogelijk verschil tussen kinderen van hoogopgeleide en laagopgeleide ouders, terwijl deze verschillen in de basis helemaal niet zo groot waren.’

Wel beschrijven, niet verklaren

Dát de verschillen zich voordoen, wordt zichtbaar gemaakt door de psychometrie, de wetenschap die zich bezighoudt met de techniek van het meten van psychologische constructen zoals intelligentie, vaardigheden, attituden, en persoonskenmerken. In psychometrisch onderzoek worden herhaaldelijk dezelfde patronen geobserveerd, maar niet verklaard. Een gemiste kans, vindt Marsman: ‘We zijn jarenlang aan het beschrijven geweest, zonder ons af te vragen waarom iets gebeurt. Het is óók een taak van de psychometrie om verklaringen te vinden voor de verschijnselen die je constateert. Alleen dan kun je tijdig op ongewenste fenomenen interveniëren.’

Een formele theorie van cognitieve ontwikkeling

Met zijn Veni wil Marsman dan ook een stevige basis leggen met een formele theorie van cognitieve ontwikkeling. Om dit te bereiken, bouwt hij voort op zijn eerdere onderzoek, waarin hij psychometrische modellen en netwerkmodellen uit de natuurkunde aan elkaar koppelt. ‘Het ultieme doel is om op basis van deze theorie praktische tools te ontwikkelen, die leerkrachten en ouders kunnen gebruiken om leerlingen te ondersteunen in hun ontwikkeling. Maar de eerste stap is de theorie, van daaruit kunnen we straks verder bouwen.’

Gepubliceerd door  Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen