Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.

Is het realistisch dat er een soort doe-het-zelfmaatschappij ontstaat, waarbij burgers elkaar helpen als zorginstellingen of gemeenten dat niet doen? In drie casusstudies antwoord op de vraag of informele zorg werkt.

Kerngegevens van evenement De ambitie van de WMO versus de praktijk in buurten en mantelzorgrelaties
Datum 27 september 2012
Tijd 10:00

De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) moet leiden tot meer informele zorg. Maar het is de vraag of het gemeenten wel lukt om ruimte te geven aan de eigenheid van sociale verbanden. Dit schrijft Marja Jager-Vreugdenhil in haar proefschrift.

 De Wmo wordt wel ‘participatiewet’ genoemd. Iedereen moet meer mee gaan doen, is de slogan bij de invoering ervan. Maar leidt de Wmo tot meer participatie? En hoe dan? In elk geval verandert de Wmo de verhoudingen in Nederland tussen individuen, sociale verbanden en overheden. Maar het is nog niet helemaal uitgekristalliseerd hoe de nieuwe verhoudingen zullen zijn. Marja Jager-Vreugdenhil analyseert in deze studie wat precies de ambitie is van de Wmo. Daarin blijkt een sleutelrol te zijn weggelegd voor de civil society. Als er maar meer mensen gaan participeren in buurten, verenigingen en allerlei andere sociale verbanden, zal er meer sociale cohesie ontstaan en daarmee meer informele zorg, is de verwachting. Maar is dat wel zo? Aan de hand van drie casusstudies – naar de buurt, mantelzorgrelaties en kerken – laat Jager-Vreugdenhil zien wat wel en niet realistisch is in deze beleidsredenering. Ze laat zien dat de cruciale vraag is of het gemeenten wel lukt om ruimte te geven aan de eigenheid van sociale verbanden. Het risico bestaat dat gemeenten met ‘meer participatie’ bedoelen: meer beleidsparticipatie. Ze stelt dat social work-professionals een belangrijke rol kunnen spelen om daadwerkelijk een ‘participatiesamenleving’ te kunnen bereiken: een samenleving waarin mensen vanuit hun eigen intrinsieke motivatie kunnen, willen en mogen meedoen in allerlei formele en informele sociale verbanden.

 

Mw. M. Jager-Vreugdenhil: Nederland participatieland? De ambitie van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de praktijk in buurten, mantelzorgrelaties en kerken. Promotoren zijn dhr. prof. dr. mr. C.J.M. Schuyt en dhr. prof. dr. R. Kuiper (EUR).

 

Locatie: Agnietenkapel, Oudezijds Voorburgwal 231, Amsterdam.