Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Switch to English

Sommige mensen beschikken over een beter geheugen dan anderen, doordat hersengebieden die betrokken zijn bij het onthouden van informatie sterker met elkaar in verbinding staan. Dit blijkt uit onderzoek van dr. Mike Cohen, psycholoog aan de UvA.

Sommige mensen beschikken over een beter geheugen dan anderen, doordat hersengebieden die betrokken zijn bij het onthouden van informatie sterker met elkaar in verbinding staan. Dit blijkt uit onderzoek van dr. Mike Cohen, neuropsycholoog aan de UvA. Ook laat hij zien dat hoe goed je iets kunt onthouden afhangt van bepaalde ritmische hersenactiviteit. Zijn onderzoekresultaten verschijnen eind deze maand in het wetenschappelijk tijdschrift Current Biology.

Cohen liet proefpersonen tekeningen zien op een computerscherm. Zij kregen de opdracht om, nadat de tekening uit beeld verdween, deze nog een aantal seconden in gedachten te houden. Daartoe moesten de proefpersonen gebruikmaken van hun werkgeheugen, het deel van het geheugen dat betrokken is bij het tijdelijk opslaan van informatie. Tijdens de taak onderzocht Cohen de hersenactiviteit van de proefpersonen met behulp van EEG. Met EEG kunnen elektrische signalen onder de schedel worden gemeten. De proefpersonen voerden ook een tweede geheugentaak uit waarbij het langetermijngeheugen werd getest. Ze kregen wederom een reeks tekeningen te zien en moesten van elke tekening aangeven of die ook te zien was geweest in de eerdere taak.

Ritmische hersenactiviteit

Met behulp van de EEG-data keek Cohen naar ritmische hersenactiviteit in de prefrontale cortex. Proefpersonen die tijdens de werkgeheugentaak een langzamer hersenritme vertoonden, presteerden beter op de tweede taak. Ze waren beter in het onthouden van moeilijk te onthouden tekeningen. Langzame hersenritmes zijn mogelijk dus belangrijk voor het verwerken en onthouden van complexe informatie.

Cohen onderzocht de proefpersonen ook in de MRI-scanner. Hij keek naar de activiteit in de prefrontale cortex, een hersengebied betrokken bij het werkgeheugen, en de hippocampus, betrokken bij het langetermijngeheugen. Cohen ontdekte dat proefpersonen met sterkere connecties tussen deze twee gebieden beter scoorden op de langetermijngeheugentaak. Een vergelijking met de EEG-data liet zien dat deze proefpersonen ook een langzamer hersenritme vertoonden in de prefrontale cortex.

Mensen met sterkere verbindingen tussen twee belangrijke geheugencentra in het brein hebben dus een langzamer hersenritme in de prefrontale cortex en zijn beter in het aanmaken van herinneringen. Waarom sommige mensen sterkere verbindingen en langzamere hersenritmes hebben is nog niet bekend. Verder onderzoek hiernaar moet uitwijzen of het mogelijk is de verbindingen in de hersenen te versterken en op die manier bijvoorbeeld het geheugen te verbeteren.

Publicatiegegevens

M.X. Cohen: ‘Hippocampal-Prefrontal Connectivity Predicts Midfrontal Oscillations and Long-Term Memory Performance’, in Current Biology, 22 november 2011.