Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Switch to English

NWO heeft in het subsidieprogramma MaGW Onderzoekstalent 2011 tien aanvragen van de UvA gehonoreerd. Onderzoekstalent is een subsidieprogramma om hoogwaardig promotieonderzoek te financieren.

De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) heeft in het subsidieprogramma MaGW Onderzoekstalent 2011 tien aanvragen van de UvA gehonoreerd. In totaal zijn 42 van 206 ingediende aanvragen gehonoreerd. Onderzoekstalent is een subsidieprogramma van het gebiedsbestuur Maatschappij- en Gedragswetenschappen van NWO om hoogwaardig promotieonderzoek te financieren van jonge talenten die een aantoonbare ambitie hebben om een carrière als wetenschapper op te bouwen. De subsidie vergoedt de personele kosten om een promovendus maximaal drie jaar fulltime aan te stellen.

De toekenningen (met vermelding van de hoofdaanvragers)

  • Dr. Denny Borsboom (Psychologie): Network psychometrics
    Theoretisch en empirisch bewijs wijzen op het bestaan van een netwerkperspectief, waarin psychologische constructen worden geconceptualiseerd als netwerken van met elkaar reagerende componenten, in plaats van - zoals wordt aangenomen in klassieke perspectieven - metingen van een latent construct. Met dit project willen de onderzoekers bijdragen aan de ontwikkeling van een psychometrisch raamwerk voor het analyseren van dergelijke netwerken. Dat doen ze door het vertalen van concepten van netwerkanalyse naar het psychometrische domein, het ontwikkelen van procedures voor het schatten en passend maken van netwerkmodellen op basis van data, en het ontwikkelen van een nieuwe adaptieve testprocedure.

  • Prof. dr. Nico van Eijk (Rechtsgeleerdheid): Privacy as Virtue: towards an actor based approach to privacy regulation
    Het hedendaagse juridische privacyparadigma wordt op twee manieren bekritiseerd. Ten eerste zijn individuen in een juridisch geschil vaak niet in staat om adequaat hun belangen met betrekking tot privacy te onderbouwen. Ten tweede wegen andere belangen, bijvoorbeeld veiligheid, vaak zwaarder dan privacy. In deze studie ontwikkelen de onderzoekers een alternatieve, op deugden gebaseerde benadering van privacyregelgeving, gericht op de verantwoordelijkheden van de actor (bijvoorbeeld de staat) van een privacy-inbreuk.

  • Prof. dr. Cars Hommes (Economie): Learning to Forecast with Evolutionary Models
    De theorie van de rationele verwachtingen (rational expectations, RE) heeft moeilijkheden om te voorspellen hoe mensen verwachtingen vormen in echte en experimentele markten. In de recente literatuur wordt gesuggereerd om als alternatief expliciete leermodellen van begrensde rationaliteit te gebruiken. Er bestaat echter geen definitieve theorie die al het experimentele bewijs van recente ‘Learning-to-Forecast-experimenten’ zou kunnen verklaren. In dit project ontwikkelen en testen de onderzoekers evolutionaire modellen om te verklaren waarom in sommige situaties prijzen convergeren naar de RE-uitkomst en in andere gevallen niet.

  • Dr. Gerben van Kleef (Psychologie): Climbing the ladder or falling from grace: How norm violations shape social hierarchies
    Macht vergroot de neiging van mensen om sociale normen overtreden, blijkt uit wetenschappelijk onderzoek en talloze voorbeelden in het nieuws. Het is echter onduidelijk hoe dergelijke normschendingen hiërarchieën van macht vormgeven. Klimmen normovertreders op de ladder of vallen ze uit de gratie? Sommige theorieën suggereren dat normschendingen macht ondermijnen, terwijl ander werk suggereert dat normschendingen macht kunnen vergroten. De onderzoekers gaan in op dit vraagstuk door na te gaan wanneer normovertreders macht winnen of verliezen, afhankelijk van hun groepslidmaatschap en de frequentie en de gevolgen van de schendingen.

  • Prof. dr. Han van der Maas (Psychologie): Analyzing developmental change with time-series data of a large scale educational monitoring system
    Rekentuin is een online reken- oefenprogramma waarin kinderen het rekenen spelenderwijs kunnen oefenen en automatiseren op hun eigen niveau. Het systeem is adaptief: de oefeningen worden automatisch geanalyseerd en teruggekoppeld. Naast de toegepaste waarde voor kinderen en leerkrachten, genereert het systeem data met groot wetenschappelijk potentieel. De data bieden de mogelijkheid om langdurige discussies over de cognitieve ontwikkeling te beslechten. Met innovatieve statistische analyses beantwoorden de onderzoekers de kernvragen over continuïteit/discontinuïteit, de rol van de kritieke perioden, en de onderlinge relaties tussen leren en domeinen.

  • Prof. dr. Annemarie Mol (Antropologie): Accountability in practice: an ethnographic study of evaluation research in Afghanistan
    In Afghanistan wordt een beroep gedaan op evaluatieonderzoek om de effecten van buitenlandse interventie te beoordelen. Deelname aan dergelijk onderzoek is echter niet bepaald eenvoudig. In dit project willen de onderzoekers in kaart te brengen wat het met zich meebrengt om vragenlijsten te ontwerpen, interviews te doen, gegevens te analyseren, te rapporten, en aanbevelingen te schrijven. Door etnografische methoden te combineren met een grondige analyse zullen ze omschrijven wat elk van deze onderzoekstappen vereist en met zich meebrengt in de Afghaanse context.

  • Prof. dr. Arthur Schram (Economie): A Behavioral Approach to Tax Incidence
    In dit project keren de onderzoekers terug naar fiscale incidentie, onder andere gebruikmakend van recente inzichten over begrensde rationaliteit. Op deze manier hopen zij klassieke publieke financiering en gedragseconomie te integreren. Het onderzoek heeft een theoretische en een experimentele component. Theoretisch gaat het om de manier waarop gevestigde grenzen voor rationaliteit van invloed zij op belastingperceptie en deze waarneming van invloed is op de belastingincidentie. Met laboratoriumexperimenten worden de ontwikkelde theorieën vervolgens getest.

  • Prof. dr. Randolph Sloof (Economie): The origins of trust: A theoretical and experimental approach
    Dit project is gericht op het verkennen van een conceptueel mechanisme voor het opbouwen van vertrouwen. In dit mechanisme kiezen mensen er bewust voor om zich kwetsbaar te maken door hun handelspartner expliciet de mogelijkheid te bieden om hen te straffen. De onderzoekers gaan een aantal verschillende varianten van het mechanisme onderzoeken, zowel theoretisch (met gedragsmodellering) als empirisch (met laboratoriumexperimenten). Ze richten zich onder andere op de vraag of het jezelf kwetsbaar maken efficiëntie kan bevorderen en of endogene strafinstellingen dienst kunnen doen als een belangrijke bron van vertrouwen.

  • Prof. dr. Herman van de Werfhorst (Sociologie): A different place for different people? Conditional neighbourhood effects on residents? socioeconomic status and mobility
    Wijken beïnvloeden de sociaal-economische vooruitzichten van hun inwoners. Ondanks theoretische aanwijzingen is er empirisch echter weinig bekend over hoe en voor wie de wijk ertoe doet. In eerder onderzoek werd vaak aangenomen dat de kenmerken van een buurt in dezelfde mate van invloed zijn op alle inwoners, maar is dat ook het geval? Door mogelijk voorwaardelijke relaties te negeren zijn wijkeffecten consequent onderschat. In dit project wordt gebruikgemaakt van unieke, hoogwaardige en longitudinale administratieve data om differentiële effecten te onderzoeken afhankelijk van sociale netwerken, lengte en tijd van het verblijf en verandering in wijken.

  • Prof. dr. Reinout Wiers (Psychologie): Stimulating the Addicted Brain: Transcranial Direct Current Stimulation and Cognitive Bias Modification in Heavy Drinkers and Alcoholic Patients
    Dit project is gericht op het ontwikkelen van gedragsinterventies bij patiënten met een alcoholverslaving. Met behulp van wiskundig modelleren is eerder aangetoond dat de actieve component een cognitieve controlecomponent is in de context van verleidelijke stimuli. In dit project ontwikkelen de onderzoekers nieuwe gedragsinterventies die gericht zijn op deze cognitieve controlecomponent. Er wordt onder meer onderzocht of het effect van de interventies kan worden verbeterd door het rechtsreeks stimuleren van de hersenen via kleine elektrische stroomstootjes (transcranial Direct Current Stimulation, tDCS).