Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Switch to English

De Inspectie van het Onderwijs constateert dat er geen problemen zijn voor de financiële continuïteit van de Universiteit van Amsterdam. Dat blijkt uit onderzoek dat de inspectie deed naar de financiële positie van de UvA. Het rapport is vandaag gepubliceerd.

De inspectie heeft in de periode mei-september 2015 onderzoek verricht. Dit gebeurde in het kader van  het toezicht op de continuïteit van het hoger onderwijs. Hoewel er geen financiële problemen te verwachten zijn, geeft de inspectie aan dat de ontwikkeling van de financiële positie alertheid en aandacht vraagt.

Het College van Bestuur kondigde via de Kaderbrief 2016 al beheersmaatregelen aan. Het doel van de maatregelen is een verbetering van de exploitatieresultaten naar ten minste een beter dekkende begroting en een verbeterde financiële positie. . Een aantal van deze maatregelen is inmiddels geeffectueerd in beleid. Zo leidt de uitvoering van de Binnenstadcampus ertoe dat de huurlasten minder snel stijgen dan eerder verwacht.

Hans Amman, vicevoorzitter College van Bestuur: ‘Het rapport van de inspectie is een bevestiging van de weg die we zijn ingeslagen. We zien het dan ook als een ondersteuning van het veranderingstraject dat we als UvA doorlopen.’

Het resultaat en de prognoses van de UvA zijn in de ontwerpbegroting 2016 verbeterd ten opzichte van de begroting 2015. Hiertoe is aan alle onderdelen gevraagd reëler te begroten, wordt door faculteiten, diensten en staf onderzocht op welke wijze op de indirecte kosten kan worden bespaard en is sprake van vertraging/uitstel van een aantal in het huisvestingsplan opgenomen projecten.

De inspectie geeft aan dat de UvA de komende tijd zijn voorgenomen maatregelen moet effectueren om de financiële positie op middellange termijn te herstellen en daarmee de financiële continuïteit van de universiteit te waarborgen.

Over de Inspectie van het Onderwijs

De inspectie oefent toezicht op het hoger onderwijs uit binnen de kaders van de Wet op het onderwijstoezicht en de Wet hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Op basis van het Toezichtkader hoger onderwijs houdt de inspectie toezicht op onder meer de financiële continuïteit van hoger onderwijsinstellingen. Het doel van het toezicht op financiële continuïteit is te bewaken dat instellingen beschikken over een gezonde financiële positie en een goed financieel beheer, met het oog op de waarborg van de toegankelijkheid van het onderwijs en kwaliteit van het onderwijs en onderzoek.