Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Er zijn veel mooie voorbeelden van samenwerking tussen HvA en UvA in onderwijs en onderzoek, maar de bestuurlijke samenwerking was daarbij van beperkte meerwaarde. Voor de diensten geldt dat de samenvoeging niet zozeer heeft geleid tot schaal- en efficiencyvoordelen, maar wel dat het aanbod en de kwaliteit van de dienstverlening zijn vergroot. Dit zijn de belangrijkste conclusies uit het onderzoek van de adviesbureaus Berenschot en Deloitte naar de bestuurlijke samenwerking tussen de UvA en HvA.

Op donderdagochtend 8 september zijn de rapporten van de adviesbureaus besproken in het College van Bestuur. De volledige rapporten en een uitgebreidere reactie zijn hieronder te lezen.

Voorkeur College van Bestuur

Op basis van de beide rapporten geeft het College van Bestuur de voorkeur aan beëindiging van de bestuurlijke personele unie. Dat zou betekenen dat beide instellingen weer een eigen College van Bestuur krijgen. Tegelijk is het van belang het goede van de samenwerking te behouden. Beide rapporten geven hiervoor scenario’s.  

Vervolgstappen

Geert ten Dam, voorzitter van het College van Bestuur: ‘We willen in de komende periode de rapporten intern bespreken. Daarom organiseren we gesprekken met het management, de medezeggenschap en de medewerkers en studenten van de UvA en de HvA. In die gesprekken gaat het niet alleen over het beëindigen van de personele unie, maar ook over hoe we het goede van de samenwerking kunnen behouden, zowel in onderwijs en onderzoek als in de gezamenlijke dienstverlening.’ 

Het is de bedoeling voor 1 januari tot een definitief besluit te komen.

Lees hier de uitgebreide reactie van het College van Bestuur Rapport Berenschot ‘De opbrengst van bestuurlijke samenwerking UvA-HvA. Een evaluatie van de periode 2000-2016’ Rapport Deloitte ‘Evaluatie gemeenschappelijke diensten UvA-HvA’