Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Switch to English

Wat bepaalt of je flexibel met nieuwe situaties omgaat of uit macht der gewoonte handelt? Een team van UvA-psychologen ontdekte dat dit voorspeld wordt door de sterkte van specifieke hersenverbindingen. De resultaten worden op 29 augustus gepubliceerd in het Journal of Neuroscience.

Het is dus in je hersenen af te lezen of je doelbewust handelt of op de automatische piloot afgaat. Inzicht hierin is relevant voor de behandeling van bijvoorbeeld drugsverslaafden en dwangpatiënten. Dr. Sanne de Wit, drs. Poppy Watson en prof. dr. Richard Ridderinkhof van de Universiteit van Amsterdam leidden het onderzoek, dat gefinancierd werd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek. De resultaten worden op 29 augustus gepubliceerd in het Journal of Neuroscience.

Dankzij onze automatische piloot hoeven we niet alle dagelijkse handelingen bewust uit te voeren. Zo kun je bijvoorbeeld tijdens het fietsen naar de supermarkt ineens opmerken dat je ongemerkt al een deel van de route hebt afgelegd. De handelingen waartoe de automatische piloot je aanzet, zijn echter niet altijd de juiste. Dit is bijvoorbeeld zo wanneer je vergeet af te slaan op een kruispunt waar je normaal gesproken rechtdoor gaat. Onderzoek toont nu aan dat aan je hersenverbindingen is af te zien of je makkelijk kunt afwijken van automatische gewoontes wanneer de situatie daar om vraagt.

Experiment

Drieëntwintig proefpersonen tussen de 18 en 26 jaar namen deel aan een computerspel. De jongvolwassenen leerden om na blootstelling aan een prikkel een bepaalde handeling uit te voeren om een beloning te krijgen. Zodra ze zich de verschillende handelingen eigen hadden gemaakt, veranderden de spelregels. Zo leidde een deel van de handelingen ineens tot strafpunten in plaats van tot beloning.

MRI-scans toonden aan dat de sterkte van een aantal hersenverbindingen bepaalde hoe goed de proefpersonen hun gedrag vervolgens konden aanpassen. Bleven de prikkels automatische handelingen oproepen, ook wanneer die niet langer positieve gevolgen hadden? In die proefpersonen was de verbinding tussen de premotor cortex en de posterieure putamen het sterkst. Was de proefpersoon daarentegen juist goed in staat om het gedrag op de nieuwe situatie aan te passen? Dan bleek de verbinding tussen de ventromediale prefrontale cortex en de nucleus caudatus juist sterker. De sterkste hersenverbinding bepaalt zodoende of je een gewoontedier bent of juist doelgericht handelt.

Therapie

Dwangpatiënten hebben een bovengemiddeld sterke neiging om handelingen op de automatische piloot uit te voeren, zo toonden de onderzoekers eerder aan. ‘Ze blijven vasthouden aan hun dwangmatige gewoontes, ondanks de negatieve gevolgen,’ vertelt Sanne de Wit, één van de onderzoekers. ‘Die automatische piloot kan worden aangepast in therapieën die gericht zijn op bewustwording van automatische patronen (zoals mindfulness) of juist op het doorbreken ervan (zoals responspreventie).’ Toekomstig onderzoek dient de relatie tussen de hersenen en automatisch gedrag bij dwangstoornissen nader te ontrafelen. ‘We denken dat de balans tussen de hersenverbindingen bij dwangpatiënten ernstig verstoord is. Ook bij verslaafden en personen met obesitas verwachten we een soortgelijke structurele verstoring. Het zou goed kunnen dat juist die verstoring leidt tot compulsief gedrag.’

Publicatiegegevens

de Wit S, Watson P, Harsay HA, Cohen MX, van de Vijver I, Ridderinkhof, KR:  'Corticostriatal Connectivity Underlies Individual Differences in the Balance between Habitual and Goal-directed Action Control'. The Journal of Neuroscience, 32 (35, 2012)