Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Switch to English

UvA en HvA ondertekenen op maandagmiddag 30 september met negen andere universiteiten en tien hbo-onderwijsinstellingen samen met NOC*NSF het Actieplan ter verbetering van het onderwijs en carrièreperspectief van topsporters. Met het ondertekenen worden structurele afspraken gemaakt over de organisatie van het onderwijs rond topsporters, die naast hun studie veel tijd nodig hebben voor hun voorbereiding en deelname aan de grote internationale sportevenementen.

Dam tot Damloop, Alfredo Silva finish
Foto: Daniël Rommen

Het Actieplan bevat drie doelstellingen. Binnen deze doelen maken de ondertekenaars van dit actieplan afspraken over wat zij gezamenlijk gaan doorvoeren binnen hun eigen instellingen. Ook zetten zij een structuur neer waarin zij overleg en afstemming tussen topsport en hoger onderwijs duurzaam verankeren.

Doelstellingen Actieplan:

1. Competentiegerichte studiekeuze

Voor iedere student, dus ook voor de topsporter, is het van groot belang om een opleiding te kunnen kiezen waarin hij of zij zich tijdens een loopbaan duurzaam kan ontwikkelen. Topsporters zijn unieke talenten die de mogelijkheid moeten krijgen om - na afronding van de topsportcarrière - in een goed passende plek in de maatschappij te landen. Het is daarom belangrijk dat een topsporter een studie kan doen in een richting die past bij zijn of haar interesses en competenties. Bovendien is het ontwikkelen van een topsportcarrière een activiteit met civiel effect in zichzelf. Vrije studiekeuze en aandacht voor topsportcompetenties voorkomen uitval en een te grote vertraging en stimuleren daarnaast ook de topsportprestaties.

2. Flexibel onderwijs

Topsport is nagenoeg een fulltime bezigheid, waarbij de tijden van deze activiteiten veelal samenvallen met bijvoorbeeld onderwijs of openstelling van bedrijven. Onder invloed van de Nederlandse top 10-ambitie en investeringen zal de druk op de agenda van een topsporter niet afnemen. Wellicht zal een grotere groep sporters deze druk gaan voelen. Combinatie van onderwijs en topsport vergt daarom nieuwe inzichten in de manier van onderwijsaanbod aan deze groep. Een topsporter moet in staat worden gesteld om, binnen redelijke grenzen, een flexibel onderwijsaanbod te kunnen volgen. Daarmee kan de topsporter trainingen en wedstrijden in binnen- en buitenland combineren met studie en examinering.

3. Studeren blijft financieel haalbaar voor de topsporter

Studeren brengt kosten met zich mee. Daarin moet een topsporter, net als andere studenten, zelf kunnen voorzien. Het beoefenen van topsport brengt echter ook forse kosten met zich mee, plus meerkosten vanwege een langere studieduur. Daarnaast hebben studerende topsporters niet de ruimte om bijverdiensten te genereren. Financieel zou een topsporter in staat gesteld moeten worden om zijn of haar sport op het hoogste niveau te beoefenen, zonder disproportionele meerkosten voor sport of studie.

Topsporters bij de UvA

 De UvA investeert al jaren in sport en de begeleiding van topsporters. Zo is er samen met de HvA een speciale topsportregeling voor studenten en faciliteert het de topsporters binnen het Amsterdams Centrum voor Topsport en Onderwijs (CTO). Een van de studentendecanen is benoemd tot topsportcoördinator.

Het aantal  topsportstudenten dat voor het studiejaar 2013-2014 bij de UvA een topsportstatus heeft gekregen bedraagt momenteel 52. De meesten van hen studeren economie en bedrijfskunde of rechten.