Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Switch to English

In wijken met een instroom van rijkere bewoners - en dus met hogere huizenprijzen - neemt het aantal hoogwaardige bedrijven toe. Dat blijkt uit onderzoek van Emma Folmer. Ze promoveert op vrijdag 23 mei aan de Universiteit van Amsterdam.

Winkel Flickr Creative Commons Crossett Library Bennington College 6467423961

Hoogwaardige bedrijven zijn bedrijven waarbij er relatief veel waarde wordt toegevoegd aan het eindproduct of –dienst, met name (maar niet uitsluitend) door , het opleidingsniveau van de ondernemer en/of werknemers. Denk hierbij bijvoorbeeld aan specialistische financiële dienstverlening of onderzoek en consultancy.

Folmer doet onderzoek naar bedrijvigheid en ondernemerschap in stedelijke woonwijken in Nederland. Ze bekijkt hoe sociale, economische en institutionele kenmerken van een buurt samenhangen met de bedrijvigheid in de buurt. Haar onderzoeksvraag: Welke economische activiteiten vinden we in welke buurten en waarom?

‘Residentiële en commerciële gentrification gaan hand in hand. De aanwezigheid van hoogwaardige bedrijven werkt als een opwaartse spiraal omdat dit vestigingspatroon andere hoogwaardige bedrijvigheid aantrekt. Daardoor gaan vastgoedprijzen omhoog, waardoor bedrijvigheid met weinig startkapitaal zich moeilijker vestigt in deze wijken,’ aldus Folmer  

Echter, de groei van het aantal bedrijven in woonwijken houdt geen verband met het gemiddeld inkomen in de wijk. Uit het onderzoek blijkt dat het aantal bedrijven ook in woonwijken van laag sociaaleconomisch niveau de laatste jaren aanzienlijk is toegenomen. De meeste nieuwe bedrijven worden gestart in deze wijken waar vaak een hoog percentage niet-Westerse allochtonen woont. Een groot aantal start-ups duidt echter niet noodzakelijkerwijs op een 'gezonde' lokale economie. Dit kan namelijk ook een indicatie van een hoge omloopsnelheid zijn.

Folmer vindt het een bedenkelijke ontwikkeling: ‘Als hoogwaardige bedrijvigheid zich concentreert in wijken van hoog sociaaleconomisch niveau, en laagwaardige bedrijvigheid zich concentreert in wijken van laag sociaaleconomisch niveau ontstaan hierdoor eenzijdige wijkeconomieën die kunnen bijdragen aan verdere polarisatie van wijken. ’

Groei van cognitief-culturele sector

Een belangrijke groeisector in landen met een postindustriële economie is de zogeheten cognitief-culturele sector. Deze sector bestaat uit bedrijven die worden gekenmerkt door niet-gestandaardiseerde arbeidsprocessen, en input van hoogopgeleide of creatieve ondernemers en werknemers ( bijvoorbeeld een grafisch ontwerper of een architectenbureau).

Uit het vestigingenregister blijkt dat het aandeel van dit type bedrijvigheid in woonwijken gestegen is over de periode 1998-2008. Deze stijging kenmerkt ook een kwalitatieve verschuiving in bedrijvigheid, omdat dit type bedrijven in een aantal opzichten significant verschilt van meer traditionele bedrijvigheid (zoals de bakker en de wasserette).

Folmer: ‘Traditionele bedrijven zijn sterker afhankelijk van lokale markten, waardoor ze ook vatbaarder zijn voor veranderingen in deze markten. Als bijvoorbeeld de demografische samenstelling in een buurt verandert, is dat veel directer merkbaar voor deze bedrijven’

Het onderzoek is uitgevoerd in samenwerking met de Universiteit Utrecht, NICIS en de gemeenten Amsterdam, Dordrecht, Leiden, Utrecht en Zoetermeer.

Publicatiegegevens

Mw. E.C. Folmer: From Shop Fronts to Home Offices: Entrepreneurship and Small Business Dynamics in Urban Residential Neighbourhoods. Promotoren zijn prof. dr. R.C. Kloosterman en prof. dr. J.C. Rath.

Tijd en locatie

De promotieplechtigheid vindt plaats op vrijdag 23 mei om 13.00 uur. 
Locatie: Aula van de UvA, Singel 411, Amsterdam.