For best experience please turn on javascript and use a modern browser!

drs. J. (Joep) Hendriks

Faculty of Humanities
Capaciteitsgroep Archeologie
Photographer: onbekend

Visiting address
  • Turfdraagsterpad 9
  • Room number: 308 A
Postal address
  • Postbus 94302
    1090 GE Amsterdam
  • Profiel

    Joep Hendriks (1979) is sinds mei 2007 verbonden aan het Amsterdams Archeologisch Centrum (AAC) als gastonderzoeker. Hiervoor was hij tussen maart 2003 en oktober 2006 als assistent-vakreferent verantwoordelijk voor het Noordwest-Europese deel van de bibliotheekcollectie van het AAC.

    Werkzaamheden

    In mijn dagelijks leven ben ik als archeoloog werkzaam bij het Bureau Archeologie en Monumenten van de gemeente Nijmegen. Hier heb ik (samen met Marijne Magnée-Nentjes) begin 2008 de uitwerking afgerond van de opgraving van een grafveld uit de midden-Romeinse tijd, gelegen in de directe nabijheid van de dorpskern van Wijchen (Gld.). Van een oorspronkelijk groter grafveld konden 25 crematiegraven gedocumenteerd worden, die uit de periode van ca. 90 tot 210 na Chr dateren. Momenteel ben ik onder andere bezig met de uitwerking van een onderzoek naar de resten van een stadspoort uit de 16de eeuw ende sporen van vroeg-Romeinse bewoning in de Nijmeegsebinnenstad. Deze bewoningssporen zijn onderdeelvan een proto-urbane nederzetting die beter bekend staat als Oppidum Batavorum - de vroegste voorloper van het huidige Nijmegen - en ongeveer 2000 jaar geleden werd gesticht.

    Als gastonderzoeker aan het AAC heb ik me de afgelopen jaren bezig gehouden met de organisatie van de Theoretical Roman Archaeology Conference (TRAC, 4-6 april 2008 aan de UvA) en de redactie van de hieruit volgende Proceedings TRAC 2008 , dit alles samen Mark Driessen (UvA), Stijn Heeren (Hazenberg Archeologie/VU), Fleur Kemmers (RU) en Ronald Visser (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/VU). Hiernaast probeer ik enige orde aan te brengen in de studiecollectie Romeins aardewerk en de achterstanden in het scriptie- en publicatiearchief van het AAC weg te werken.

    Actief onderzoek naar aardewerk verricht ik door het schervenmateriaal te beschrijven, dat niet tot de grafinventarissen behoort van de Merovingische grafvelden van Posterholt (opgraving ROB, 1983-1984) en Borgharen (opgraving RACM/AAC, 2008), beide gelegen in Limburg. Deze complexen zijn bijzonder interessant, aangezien het eerste grafveld is aangelegd op de plek van een klein Romeins grafveld en het tweede hoogwaarschijnlijk te midden van het badgebouw van een Romeinse villa gelegen is.

    Een specifieke groep vaatwerk die mijn aandacht heeft, is het regionale, reducerend gebakken draaischijfaardewerk, dat vaak in midden-Romeinse nederzettingen uit de Betuwe, het Land van Maas en Waal en op de oostelijke Brabants-Limburgse zandgronden aangetroffen wordt. De afgelopen tijd heb ik met Harry van Enckevort en Angela Collins onderzoek gedaan naar de productie en consumptie van deze Batavian grey ware , met als doel een beter beeld te krijgen van de verspreiding, typochronologie en functionaliteit van deze bakselgroep. Van dit onderzoek zal binnenkort een artikel verschijnen.

    Buiten deze institutionele beslommeringen probeer ik op vrije momentenmijn gedachten te ordenen ten aanzien van de transformatie van laat-Romeinse villabewoning en de toeëigening van deze fenomenen door de vroeg-middeleeuwse samenlevingen in het Maasdal. Hier bestaat vooralsnog een gebrek aan goed gedateerde contexten en gepubliceerde vindplaatsen, waar zowel de laat-Romeinse tijd als de Merovingische periode duidelijk vertegenwoordigd zijn. Als afgeleide hiervan wil ik in de nabije toekomst weer verder gaan met een overzichtsartikel van de bewoning in de gemeente Sittard-Geleen-Born tussen de late IJzertijd en vroege Middeleeuwen.

    Website Theoretical Roman Archaeology Conference 2008

    Overmijzelf

    Als klein jongetje in het diepe zuiden van ons land raakte ik eind jaren tachtig van de vorige eeuw in de ban van de archeologie. Die liefde bleef bestaan tijdens de middelbare school (ondanks vele afleidingen) en vanaf 1997 mocht ik Europese Archeologie gaan studeren aan het IPP (toen het Instituut voor Pre- en Protohistorische Archeologie Albert Egges van Giffen), dat al snel zijn naam in AAC veranderde. Mede door de studievereniging Trilithon werden mijn politieke activiteiten en interesses steeds verder opzij geschoven. Zij maakten plaats voor vele middagen in de Trilithonkamer en een toenemende bemoeienis met het onderwijs van de vakgroep (OC-lid 2000-2003). Later kwam hier de organisatie van meerdere congressen bij (NJBG Congres 2002, SOJA 2003, A&T 2006) en het uitgeven van enkele congresbundels. Vooral het Symposium voor Onderzoek door Jonge Archeologen (SOJA) zorgde voor veel discussies en niet minder interessante borrels. De laatste jaren heb ik me als student-assistent bezig gehouden met het maken van een inhaalslag voor de middeleeuwse collectie van onze bieb.

    Inhoudelijk bepaalde vanaf 1999 de keuze voor het hoofdvak 'Archeologie van de Romeinse tijd en latere prehistorie' de verdere invulling van m'n studie. Naast aandacht voor de theoretische archeologie en de toepassing daarvan op de studie van landschap en bewoning in het bijzonder, groeide mijn aandacht voor de Romeinse villa als historisch en archeologisch fenomeen. Van de vele weken veldwerk zijn die tijdens het onderzoek van de villa Kerkrade-Holzkuil in het zuidoosten van Limburg (opgraving ADC, 2001/2002 - o.l.v. Gerard Tichelman) dan ook het meest memorabel. Na enkele laatste ontsnappingen naar het oppidum van Bibracte (F.) in 2004 en de veldcursus van Wolfheze (Gld.) in 2005, heb ik me verdieptin de transformatie van de laat-Romeinse villabewoning tussen Tongeren en Keulen. Zoals u op basis van het bovenstaande kon vermoeden, ben ik op dit onderwerp in 2007 afgestudeerd.

    Een passie voor Romeinse villa's en hun landschappelijke omgeving heeft zo zijn vóór- en nadelen, zeker voor medereizigers tijdens vakanties in Zuid-Limburg,de Eifel, Engeland of andere delen van Europa binnen de grenzen van het Imperium Romanum . Enerzijds kun je het je permitteren mensen mee te nemen naar afgelegen landelijke gebieden met prachtige vergezichten. Maar anderzijds vind er altijd een moment van teleurstelling plaats als weer eens in het grote niets gestaard moet worden, met de voor de hand liggende vraag: "Zie jij ook de pars rustica , daar links van de pars urbana ?"

  • Publicaties

    Enkele publicaties / some publications

    Hendriks, J./J. P. Bakx/J. de Bruin, 2001: Vondsten, in G. Tichelman, Een aanvullend archeologisch onderzoek (AAO) aan de Holzkuil te Kerkrade , Bunschoten (ADC Rapport 101), 16-17.

    Hendriks, J., 2004: Bijlage 1. Determinatie Romeins aardewerk, in M. Hissel/J.P. Flamman, Boegheim bezocht? Inventariserend veldonderzoek op het plangebied Boegheim te Beugen , gemeente Boxmeer, Amsterdam (AACpublicaties 25), 34-39.

    Hendriks, J., 2004: Romeinse villa's in Limburg, Fibula 44, 12-14.

    Hendriks, J., 2005: Bijlage 14. Aardewerk determinatie, in J.J.G. Geraeds, Archeologisch onderzoek plangebied Steinweg te Voerendaal. Inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven Steinweg, gemeente Voerendaal , Roermond (Grontmij Archeologische Rapporten 91).

    Hendriks, J., 2005: Recensie van Bernard Colenbrander en MUST Stedebouw (red.), Limes Atlas, Rotterdam: Uitgeverij 010 (2005), Westerheem 54, 258-260.

    Hendriks, J./E. van Rossenberg, 2005: Inleiding. Van idee tot publicatie, of de beginjaren van het Symposium voor Onderzoek door Jonge Archeologen, in E. van Rossenberg/J. Hendriks/A. Bright/D.E. Smal (red.), 9-14.

    Woerdekom, P.C. van/J. Hendriks/D.S. Habermehl, 2006: Kansen voor jonge archeologen, Westerheem 55, 27-30.

    Hendriks, J./M. Magnée-Nentjes, 2008: Een Romeins grafveld aan de voet van de Molenberg , Wijchen (Archeologie Actueel. Opgravingen en onderzoek in de gemeente Wijchen 3).

    Hendriks, J./M. Magnée-Nentjes, met een bijdrage van E. Smits, 2008: Graven aan de Molenberg. Archeologisch onderzoek van een grafveld uit de Romeinse tijd langs de Baron d'Osystraat te Wijchen , Nijmegen (Archeologische Berichten Wijchen - Rapport 3).

    Hendriks, J., 2009: Het gedraaide aardewerk uit de Romeinse tijd, in P.W. van den Broeke/J.A. den Braven met bijdragen van J. Hendriks/C van Pruissen, Archeologisch onderzoek op het Dorpsplein in Nijmegen-Lent. Nederzettingssporen uit de Romeinse tijd en de vroege tot volle middeleeuwen , Nijmegen (Archeologische Berichten Nijmegen - Rapport 12), 28-36.

    Hendriks, J, 2009: Recensie van Marieke Berkers/Maike van Stiphout (red.), Limesweg, Amsterdam: Architectura & Natura (2008), Vitruvius 2 (7), 12-13.

    P.W. van den Broeke/J. Hendriks, 2009: Metaal, in P.W. van den Broeke/J.A. den Braven met bijdragen van J. Hendriks/C van Pruissen, Archeologisch onderzoek op het Dorpsplein in Nijmegen-Lent. Nederzettingssporen uit de Romeinse tijd en de vroege tot volle middeleeuwen , Nijmegen (Archeologische Berichten Nijmegen - Rapport 12), 63-68.

    Redactie / editing

    Rossenberg, E. van/J. Hendriks/A. Bright/D.E. Smal (red.), 2005: SOJAbundel 2002/2003. Leiden 26 oktober 2002 - Amsterdam 29 november 2003 , Amsterdam/Leiden.

    Driessen, M./S. Heeren/J. Hendriks/F. Kemmers/R. Visser (eds), 2009: TRAC 2008. The proceedings of the eighteenth annual Theoretical Roman Archaeology Conference, which took place at the University of Amsterdam 4-6 April 2008 , Oxford.

    In voorbereiding / in preparation

    Collins, A./H. van Enckevort/J. Hendriks, in prep: A grey area between the Batavians and the Romans. Wheel-thrown domestic pottery in the civitas Batavorum.

    Hendriks, J., in prep: Review of Alexandra Chavarría Arnau, El final de las villae en Hispania (siglos IV -VII D.C.), Turnhout: Brepols Publishers (2007), in Medieval and Modern Matters .

    Hendriks, J./J.R.A.M. Thijssen, in prep.: Aardewerk uit de Romeinse tijd, middeleeuwen en nieuwe tijd, in M.C. Diepeveen met bijdragen van P.W. van den Broeke/J. Hendriks/R.W. Reijnen/J.R.A.M. Thijssen, Een landweer in Bergharen? Prehistorische en middeleeuwse sporen onder het Kulturhus in Bergharen, gemeente Wijchen , Nijmegen (Archeologische Berichten Nijmegen - Rapport ##).

  • English

    Activities

    coming soon...

    Interests

    • transformations in late antiquity
    • roman villas
    • roman period and early medieval ceramics
    • landscape archaeology
    • history of archaeology
  • Ancillary activities
    No known ancillary activities