For best experience please turn on javascript and use a modern browser!
You are using a browser that is no longer supported by Microsoft. Please upgrade your browser. The site may not present itself correctly if you continue browsing.
Een lange gang door op het Nikhef, drie trappen op, dan een wenteltrapje, vervolgens een klemmende deur openduwen en je bent er: een leeg dak. Informaticus Arnoud Visser en masterstudente Janne Spijkervet, beiden met een robot onder de arm, kijken uit over het Science Park. Er staat een stevige wind, maar gelukkig schijnt er ook een zonnetje.
Fotografie: Liesbeth Dingemans

Tekst: Edda Heinsman. Fotografie: Liesbeth Dingemans

Hoe anders was dat tien jaar geleden. Visser herinnert het zich nog goed. 'Hier zat mijn oude robotlab. We waren zo druk met het klaarstomen van de robots voor het voetbalkampioenschap dat we niet eens doorhadden dat het was gaan sneeuwen. Iemand bedacht om de robots buiten in de sneeuw te testen. We hadden ze alleen nog maar getraind op een groen veld, zouden ze in de sneeuw ook de bal detecteren? Dus daar sta je dan ineens met je robots in de kou op een wit dak, dat zal ik nooit vergeten'.

Visser zag hoe zijn robots een nieuwe wereld ontdekten, hoe ze voor het eerst op een andere ondergrond reageerden. Ze bleken verrassend goed te presteren. Zou het robotteam van toen een kans maken tegen een team van nu? 'Toen moest de bal nog oranje zijn en de doelen geel of blauw, daar trainde je de robots op. Tegenwoordig hoeft dat niet meer. Dus het robotteam van toen zou nu het doel niet eens herkennen', lacht Visser. Qua uiterlijk zijn de robots niet veel veranderd maar van binnen zijn ze een stuk slimmer geworden. 'Ik denk dat de robots nu wel een factor tien meer capaciteit hebben dan twintig jaar geleden', schat Visser. Spijkervet vult aan: 'De echte vooruitgang zit in de slimmere trucs uit de kunstmatige intelligentie. Je traint – bijvoorbeeld het herkennen van de bal – op zware computers. Daar volgt een algoritme uit dat je zo veel mogelijk comprimeert, tot je een lichtere variant overhoudt die werkt op de beperkte rekencapaciteit van de robot.'

Nieuwbouw

Terwijl Spijkervet de meegebrachte robots aanzet voor de foto, wijst Visser de gebouwen aan die er in de loop van de laatste jaren bijgekomen zijn. Een enorm datacenter, studentenflats, het Amsterdam University College, en natuurlijk Science Park 904. 'Daar op het grasveld komt de nieuwbouw, in die hoek daar ons lab', zegt Visser. Die nieuwbouw is geen overbodige luxe. Daar kan Spijkervet over meepraten. Ze begon in 2017, als een van de laatsten, aan de premaster die haar klaarstoomde voor de master Artificial Intelligence. 'Het zat compleet vol. Inmiddels is er een maximum aantal studenten dat mag beginnen en is de premaster afgeschaft. Het loopt te goed. Er is dringend meer ruimte nodig, vandaar het nieuwe gebouw'.

Waarom is de studie zo populair? 'De UvA staat goed aangeschreven, in Nederland en ook in het buitenland, met grote namen als Max Welling en Maarten de Rijke', aldus Spijkervet. 'Er is een sterk onderzoeksveld', beaamt Visser. 'Daarnaast is ook het bedrijfsleven goed geïntegreerd hier op het Science Park. Ik vind het belangrijk dat er een intensieve samenwerking is. Studenten krijgen zo interessante stageplekken en wij leveren geen stoffig onderzoek dat in een la verdwijnt. Maar onderzoek dat echt relevante bijdragen levert aan problemen in de samenleving.'

Parkeersensor

Die allereerste robotsporen op het dak in de sneeuw zijn natuurlijk allang gesmolten; maar zijn er nog ergens fysieke herinneringen aan Vissers robotonderzoek in het gebouw te vinden? Op de begane grond duwt hij een deur open. Erachter een magazijn vol elektronica, schroefjes en boutjes. Een zwart wit schaakpatroon op de vloer. Op het eerste gezicht niets vreemds. Maar die vloer is er speciaal op verzoek van Visser gekomen. 'Daar konden mijn auto's goed op navigeren'. Visser gebruikte een kleine invalidewagen om zijn software te testen, een grotere paste niet in het gebouw. 'Heb je een parkeersensor in je auto? Grote kans dat die gebruik maakt van software die we hier ontwikkeld hebben', zegt Visser trots.

En in een hoek staat een robot. Deze Oscar4 was een van de eerste in Nederland, nog gemaakt door Philips. 'De promovendus die er mee werkte had er steeds ruzie mee en heeft er zelfs twee keer een flinke klap van gekregen', zegt Visser. 'Uiteindelijk is de onderzoeker bij DLR verder gegaan met bio-inspired robots. Misschien was zijn ervaring hier er wel aanleiding toe dat hij werken met robots veiliger wil maken voor mensen.'

Indrukwekkend leger

We nemen ook een kijkje in het huidige robotlab. Spijkervet is de beheerder van de machine learning computers in de ruimte. Ze verzameld even een paar robots voor de foto. Uit allerlei lades en hoeken worden ze vandaan getoverd, in een paar minuten staat een indrukwekkend leger high tech speelgoed opgesteld. Een goed moment om het over de toekomst te hebben. Hoe staan de zaken er voor over 20 jaar? Visser: 'Binnen de AI gaan de ontwikkelingen enorm snel, daar worden echt grote sprongen gemaakt'. Spijkervet vult aan: 'Computers zijn nu al in veel dingen beter dan mensen, denk aan het herkennen van kwaadaardig weefsel in medische screenings. Ik vraag me af of sommige beroepen als accountant en rechter in de toekomst nog bestaan, ik vermoed eigenlijk van niet. Computers worden slimmer dan mensen. Het is niet de vraag óf dat gaat gebeuren, maar wanneer.'

Bij het zien van de robots -die zich soms toch wat klungelig gedragen- is dat lastig voor te stellen. Maar dat is volgens Visser precies het probleem. 'Men heeft de verwachting dat alles wat binnen AI gebeurt ook direct toepasbaar is binnen de robotica. Daar gaan de ontwikkelingen echter minder snel. Het gat wordt groter. De computer kan heel goed een wortel herkennen. Maar leer een robot maar eens koken: dan moet je weten dat de wortel voedsel is en dat je dat in de keuken bereidt. Hoe snijd je de wortel? Hoe ruikt de wortel? Het gaat niet alleen om het herkennen van concepten maar ook om de handelingen die er bij horen. Het is heel moeilijk om dat naar de robot te vertalen, maar des te leuker: zo is er meer onderzoek voor ons.'

Plots laat een van de robots van zich horen. Het is Pepper: 'My battery is totally empty, I'm shutting down.'

Lees ook

Bekijk meer informatie over de bachelor Kunstmatige Intelligentie en de masteropleiding Artificial Intelligence.

Volg UvA Science op Instagram en Twitter. Zo blijf je op de hoogte van wetenschappelijke inzichten en het laatste nieuws over FNWI.