Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN
Jasper van Haastere
Foto: Jasper van Haastere

‘Als ik vroeger ’s avonds naar de sterren lag te kijken vroeg ik me altijd af hoe dat daarboven nou werkte. Dat soort dingen leer ik nu bij mijn studie Natuur- en Sterrenkunde, een gezamenlijke opleiding van de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) en de Universiteit van Amsterdam. Hier fiets ik zo’n beetje elke dag naartoe vanuit de Amsterdamse wijk Osdorp.’

Banden met de UvA

‘Doordat twee van mijn natuurkundeleraren op de middelbare school banden met de UvA hadden,  kon ik in mijn vierde jaar al een minicollege natuurkunde volgen. Ik heb bij mijn studiekeuze nog getwijfeld om voor Leiden of Delft te kiezen, maar vond de opleiding in Delft te praktisch en in Leiden was het me allemaal weer net wat te theoretisch. Natuur- en Sterrenkunde aan de UvA en VU biedt naar mijn idee een goede afwisseling tussen theorie en practica.’

Ieniemienie klein en gigantisch groot

‘De studie Natuur- en Sterrenkunde draait om het leren begrijpen van de wereld om je heen. Dat begint vooral met het bestuderen van beweging in de klassieke mechanica, waarna je je bezig gaat houden met kleinere deeltjes in de kwantummechanica. Sterrenkunde draait meer om het verklaren van het heelal, en daar heb je natuurkunde voor nodig. Tijdens je bachelor moet je minstens twee sterrenkundevakken volgen, en als je erg in sterrenkunde geïnteresseerd bent, kun je er nog meer vakken over volgen in je keuzeruimte. Ikzelf vind het erg tof om over het ieniemieniekleine van de natuurkunde na te denken, maar uiteindelijk gaat mijn de voorkeur toch uit naar sterrenkunde vanwege de grootsheid van het heelal.’

Van vallende parachutisten tot sterrenkijken

‘Tijdens de opleiding volg je hoorcolleges en ga je met de geleerde stof aan de slag in werkgroepen. Daarnaast volg je practica die aansluiten bij de stof die je eerder hebt gehad. Zo maken we tijdens computerpractica bijvoorbeeld simulaties van parachutisten die vallen om de valsnelheid te meten. Hiervoor moet je kunnen programmeren. In het eerste jaar van de opleiding leer je twee verschillende programmeertalen.

Andere practica die we gedaan hebben, hebben weer meer met sterrenkunde te maken. In het eerste semester van het eerste jaar volgde ik een practicum dat op het dak van de universiteit uitgevoerd moest worden. Toen heb ik met een van de telescopen die daar staan de Orionnevel gefotografeerd. Dat is een van de plekken waar sterren geboren worden, 1300 lichtjaar van de aarde vandaan. Bij dit practicum moest je een aantal weken op stand-by staan, en als de omstandigheden dan goed waren, werd je opgeroepen om rond negen uur ’s avonds op het dak van de UvA te komen kijken. Dan sta je daar vervolgens drie uur  te bevriezen, maar dat vond ik geweldig. Je maakt namelijk hele mooie foto’s met een simpele telescoop. Dat was voor mij het beste practicum van het jaar.’

De moeite waard

‘Natuur- en Sterrenkunde studeren is een aanrader als je geïnteresseerd bent in hoe de wereld in elkaar steekt. Je bestudeert tijdens de opleiding hoe de natuur werkt, leert met computers omgaan en je kunt je opgedane kennis gelijk in de praktijk brengen tijdens de practica. Daarnaast zijn de medestudenten en de docenten erg enthousiast over natuurkunde. Dit alles maakt mijn studie de moeite waard om er elke dag dertig kilometer op de fiets voor af te leggen.’