Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN
Bachelor Sociologie

Investeren in je toekomst

Interview alumnus Sociologie Yannick du Pont

Yannick du Pont, studeerde Sociologie en Internationale betrekkingen aan de UvA. In een interview met sociologie student Siebert Wielstra vertelt Yannick over zijn studiekeuze, activistische activiteiten in oorlogsgebieden en de oprichting van SPARK. SPARK is een organisatie die programma’s ontwikkelt en uitvoert om educatie en ondernemerschap onder jongeren in conflict gebieden te stimuleren. Yannick is behalve oprichter ook directeur van deze organisatie.

Yannick du Pont
Yannick du Pont

Waarom koos u voor sociologie aan de UvA?

‘Om eerlijk te zijn, het was niet de eerste keuze. Ik wilde iets maatschappelijks doen maar werd uitgeloot voor journalistiek en sociologie ligt daar het dichtst bij in de buurt. De stad Amsterdam was ook belangrijk voor mijn keuze.’

U heeft ook Internationale betrekkingen gestudeerd aan de UvA. Kunt u iets vertellen over de combinatie met sociologie?

‘Ik was actief als studentactivist in Bosnië, toen de burgeroorlog daar gaande was. Hierdoor wilde ik meer weten over internationale conflicten en hoe staten zich tot elkaar verhouden in die conflicten. Ik besefte op dat moment dat sociologie te theoretisch was en twijfelde aan de directe relevantie. Voor mijn toekomstplannen bleek het handig om naast sociologie nog een andere studie te volgen en ik koos Internationale betrekkingen. Zeker als je wilt werken bij een NGO, is een tweede meer ‘exacte studie’ ook  een goede aanvulling. Nadat ik de studie Internationale betrekkingen had afgerond, heb ik mijn studie Sociologie afgemaakt. Sociologie blijft wel heel relevant: bij Sociologie heb ik geleerd om mij te bewegen in complexe sociale omgevingen.’

Was u al bezig met uw toekomstplannen tijdens uw studie?

‘Mijn veldwerk heeft voor gezorgd dat ik ben gaan doen wat ik nu doe.
‘Voor mijn leeronderzoek ben ik naar Bosnië gegaan, tijdens de oorlog. Het was lastig om een begeleider te vinden, maar uiteindelijk lukte het. Ook en voor mijn masterscriptie ben ik naar het buitenland gegaan voor onderzoek. Door mijn onderzoek kon ik al heel vroeg relevante ervaring opdoen en op die manier bouw je al tijdens je studie een netwerk en een cv op. Werkgevers kijken naar die extra curriculaire activiteiten. Zo werken wij  bij SPARK ook.  Iedereen heeft tegenwoordig wel een mooie studie afgerond.  Onderneem dus veel naast je studie!’

Wat is SPARK en hoe is het ontstaan?

‘SPARK is in 1994 ontstaan als een studentenbeweging aan de Universiteit van Amsterdam, met name met sociaalwetenschappelijke studenten. Toen heette het nog Jongeren Solidair met Voormalig Joegoslavië. Wat we deden was hulp geven aan de universiteit van Tuzla in Bosnië, door het leveren van literatuur en het sturen van docenten.  SPARK is daaruit ontstaan en uitgegroeid tot een organisatie van 85 medewerkers in 17 landen. Het is een organisatie die programma’s ontwikkelt en uitvoert om ondernemerschap onder jongeren te stimuleren. Daarnaast zijn we nu bezig met een groot nieuw programma om meer dan tienduizend vluchtelingen rondom Syrië universitair onderwijs aan te bieden. Vluchtelingen krijgen beurzen om te gaan studeren in die regio’s, om hen een toekomst te bieden en om zo mogelijk een rol te kunnen spelen bij de wederopbouw van hun land.’

Waar komt die focus op jongeren vandaan?

‘Wij richten ons op jongeren omdat zij enorm oververtegenwoordigd zijn in de werkloosheidscijfers. Werkloosheid leidt tot onrust, ontevredenheid en soms zelfs tot radicalisering. Het bijdragen aan werkgelegenheid en economische stabiliteit vermindert dit en het geeft jongeren een toekomst.  Als je investeert in een jongere kan die daar in de toekomst iets mee doen. Jongeren zijn flexibel, je kan ze nog de goede kant op helpen. Dat draagt ook weer bij aan de verbetering van de sociale en economische stabiliteit van een land.’

Kunt u iets vertellen over uw werkzaamheden?

‘Mijn werkzaamheden bestaan voornamelijk uit programma’s  bedenken en op hoofdlijnen uitvoeren van taken. Ik begeleid het team dat de programma’s die wij aanbieden oppakt. Als directeur ben je dus niet alleen strategisch bezig maar ben je ook gewoon heel praktisch bezig binnen de organisatie. Zeker in de landen waar wij werken lopen projecten niet altijd goed en is sturing nodig. Dit komt mede omdat er vaak sprake is van kwetsbare staten (bv. Mali, Libië en Syrië). Daarnaast besteed ik zo ongeveer de helft van mijn tijd aan het ontwikkelen en schrijven van nieuwe programma’s. Hier komen mijn sociologische vaardigheden goed van pas. Je moet literatuuronderzoek uitvoeren, lokaal onderzoek doen, met verschillende partijen spreken, interviews afnemen en zo zorgen dat je een goede analyse maakt. Dit bepaalt de opzet en inhoud van je programma.’

Krijg je vaak te maken met tegenslagen?

‘Door mijn werkervaring ben ik er achter gekomen dat de wereld veel moeilijker in elkaar steekt dan ik gehoopt had. Toen ik net begon had ik een rotsvast vertrouwen in mensen. Ik heb mogen werken met heel veel geweldige mensen, maar in de landen waar ik werk krijg je ook te maken met oneerlijke, ondoorzichtige, en zelfs criminele structuren, met name in conflictgebieden. We hebben weleens samengewerkt met mensen die later veroordeeld zijn voor fraude en zelfs voor oorlogsmisdaden. Deze mensen had ik eerst heel hoog zitten. Om dan toch door te blijven gaan vond ik af en toe wel echt moeilijk. Tegenwoordig ben ik voorzichtiger geworden, minder naïef. De laatste tien jaar kan ik de signalen beter ‘lezen’ en de programma’s zo inrichten dat als het misloopt de schade minimaal is.’

Wat is het mooiste aan je werk?

‘Het mooiste aan dit werk is dat je een impact kan hebben op de levens van de mensen die je helpt. Een voorbeeld: we hebben een jongen geholpen die gevlucht was uit IS-gebied. Hij studeerde daar Engels, zijn toekomst had hij bijna opgegeven en de hoop verloren. Via SPARK kreeg hij een beurs om verder te gaan met zijn studie. Ineens was hij weer vol strijdlust en hoop: ‘Ik ga weer studeren, weer met mijn vrienden praten over hoe wij straks na de oorlog de Engelse faculteit kunnen gaan opbouwen in de stad waaruit we zijn verjaagd. We gaan terugkomen en we gaan ervoor vechten.’ Dat vind ik prachtig. Als je programma’s kunt bedenken waarmee je een aantal jongeren weer een toekomst kunt geven in moeilijke situaties, dan word ik wakker met energie om weer een dag van 16 uur te gaan draaien. Je bereikt écht dingen die er toe doen voor mensen.’

Heeft u nog een tip voor toekomstige studenten?

‘Ik zou zo vroeg mogelijk beginnen met nadenken over wat je wilt doen na je studie. Je loopbaan begint niet na je studie maar direct in het eerste jaar. Je kunt ver komen als je je hoofd een beetje boven het maaiveld durft uit te steken. Je hoeft niet meteen een oorlogsgebied op te zoeken maar ga eens onderzoek doen in Irak of Tunesië, vooral als je de ambitie hebt om internationaal te werken. Neem vooral risico’s! Dat geldt ook voor je werk. Persoonlijk zou ik eerder mijn studieschuld op laten lopen en relevant werk doen dan willekeurig werk doen om de studie te betalen.
Kijk ook naar de toekomst, naar wat er over vijf of tien jaar nodig is. Denk heel  strategisch na over wat handig is om naast je studie te gaan doen. Talen leren bijvoorbeeld: Arabisch of Chinees. Ook al kun je er nu nog niets mee, wie weet hoe het in je toekomstige carrière van nut kan zijn.’