Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN
Staats- en bestuursrecht (Publiekrecht)

‘Niemand schroomt om zijn mond open te doen’

Masterstudent Vivian Camphuijsen vindt de sfeer in de opleiding Staats- en bestuursrecht zo leuk dat ze samen met medestudenten de studievereniging SVP opgericht heeft. Wat maakt haar zo enthousiast?

‘Eigenlijk wilde ik al direct na mijn bachelor kiezen voor de masteropleiding Staats- en bestuursrecht. Alleen vond ik het bachelorvak International Law te summier; vanwege de internationale invloed op het Nederlandse recht vond ik het belangrijk om daar meer over te weten. Het komt in de praktijk vaak voor dat EU-recht een rol speelt of dat het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens zich laat gelden in Nederlandse situaties. Als je daar meer van weet als jurist, is dat zeker een voordeel. Daarom heb ik eerst de master Public International Law afgerond voor ik aan Staats- en bestuursrecht begon.’

Zowel theorie als praktijk

‘Het was even omschakelen tussen deze twee masters. Internationaal publiekrecht is algemener en er zijn niet veel concrete regels. Nederlands bestuursrecht, de richting die ik nu gekozen heb, is juist wel strak gereguleerd. Er zijn bijvoorbeeld heel strikte regels over de termijnen van de procedures. Wat ik heel leuk vind in de opleiding, is dat er veel gastsprekers uit de praktijk komen, zoals rechters. Je leert dus niet alleen wat er in de wet staat, maar vooral ook hoe het er in de rechtbank aan toegaat.’

‘Wat ik iedereen kan aanraden, is deelnemen aan de VAR-pleitwedstrijd. Daarin komen teams van verschillende rechtenfaculteiten tegen elkaar uit in een bestuursrechtelijke procedure. Dat is echt heel leuk, en zowel een goede theoretische als praktische training. Ik heb bijvoorbeeld niet veel achtergrondkennis van het bijstandsrecht, maar nu leer ik veel over de inhoudelijke aspecten van dit onderwerp. De deelnemers worden geselecteerd met o.a. interviews, dus je komt in een select groepje terecht.’

SvP bezoekt de Raad van State.

Actieve groep studenten

‘Het valt me op dat mijn medestudenten allemaal heel enthousiast zijn. Het is een relatief kleine groep en iedereen kent elkaar. De colleges zijn interactief, niemand schroomt om zijn mond open te doen. Het zijn studenten die graag contact hebben met elkaar. Dat wordt ook gestimuleerd door de docenten, die aan het begin van het collegejaar al een borrel organiseerden. In het eerste vak, Beginselen van de democratische rechtsstaat, discussieerden we veel; je moest een te verdedigen standpunt hebben.’

‘Veel studenten lopen stage of werken bij de gemeente. Ik loop op dit moment ook stage. Praktijkervaring is na je afstuderen erg belangrijk. Ik ga ook veel naar in-house-dagen, bijvoorbeeld die van de Raad van State, waar ik met medewerkers kon praten over wat hen bezighoudt. Ik heb gesolliciteerd voor een stage daar in de zomer, want ik zou heel graag werken bij de Afdeling rechtspraak van de Raad van State.’

Benaderbare docenten

‘Bij het inrichten van je studie raad ik aan gebruik te maken van de hulp van docenten. Ze zijn heel benaderbaar. Omdat dit mijn tweede master is, kan ik me geen uitloop veroorloven, maar ik wil wel praktijkervaring opdoen. Daar viel gelukkig best een mouw aan te passen. Het is ook verstandig al vroeg je docenten te benaderen met scriptie-ideeën. Ik vind het zelf moeilijk om een specifiek onderwerp te vinden. Er kan zo veel binnen het bestuursrecht! Misschien moet je daar eigenlijk al voor je begint aan de opleiding een idee over hebben, dan kun je daar je keuzevakken op uitkiezen. Wil je je bijvoorbeeld specialiseren in milieurecht, dan stel je daar zelf een vakkenpakket mee samen.’