Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.

Je leert van iedereen, en van sommigen wat meer dan van anderen, maar Evert van Uitert, die ons deze week op 85-tachtige leeftijd ontviel, was aanvankelijk in Utrecht universitair docent die studenten wist te raken. Altijd goed in het aanbevelen van studies buiten het eigen vakgebied, altijd bereid tot discussies en een onverwachte, alternatieve blik op vraagstukken uit de kunstgeschiedenis voor gewillige, leergierige oren. Dat ging in discussies overigens ook wel eens mis.

Als door-de-wol geverfde docent en jonggeleerde wist hij de minder relevante vragen bij de verdediging van zijn proefschrift uit 1983, Vincent van Gogh and Paul Gauguin in creative competition. Four essays from Simiolus, gewiekst om te zetten tot interessante discussies, alsof de vragensteller het zelf had bedacht. Deze sterk iconografische studie bracht het onderzoek naar Van Gogh op een hoog, zeker voor Nederland ongekend hoog niveau, waarna hij werd benoemd tot hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam en een gedurfde, tumultueuze oratie in 1986 volgde: Het geloof in de moderne kunst.

Al schreef Evert sindsdien nog over vele andere zaken dan Van Gogh alleen, was hij een tijdlang columnist van zowel De Gids als De Volkskrant, waar hij zijn veelzijdige belangstelling kon botvieren en dus met even veel plezier en deskundigheid schreef over Malevich als Anton Pieck, Frank Stella en Alma Tadema, zijn waarde als kunsthistoricus school in zijn bijdrage aan de studie naar Van Gogh. Hij schreef een van de meest heldere analyses over Van Goghs receptie door de eeuwen heen, en een van de artikelen uit zijn proefschrift, Van Gogh’s concept of his oeuvre, bleek een sterk uitgangspunt voor de belangrijkste expositie uit de geschiedenis van het Van Gogh museum, de grote overzichtstentoonstelling van de kunstenaar in 1990. Langs deze weg werd het allerbeste uit het schilderkunstige oeuvre van deze grote meester bij elkaar gebracht, en dat dankzij een helder, academisch idee. Al hield Van Uitert misschien nog meer van het Stedelijk dan het Van Gogh, als deskundige hield hij de banden aan. Toen de ouderdom aan de deur klopte, waren er nog steeds plannen, waaronder een studie naar de receptie van de kubist Mark Kolthoff, de invloed van de geschriften van de gebroeders Goncourt op Van Gogh. Nieuwsgierig en nijver tot op het bot - een voorbeeld voor ons allen.  

Louis van Tilborgh