Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Een groot deel van de bevolking houdt er een ongezond eet- en leefpatroon op na, ondanks de hoeveelheid gezondheidsadviezen via (online) media. De sleutel voor dit probleem kan wel eens liggen in de manier waarop mensen worden aangesproken, vermoedt Eline Smit. Zij ontving een Veni voor haar onderzoek naar tailor made communicatie met betrekking tot gezond leven.

Als student en promovendus hield Smit zich al bezig met de effecten van (online) gezondheidscommunicatie. ‘Wat ik er zo fascinerend aan vind, is dat mensen weten dat gezond leven belangrijk is om bijvoorbeeld chronische ziektes te voorkómen, maar dat ze er toch een ongezonde leefstijl op nahouden. Toen ben ik me gaan afvragen: waar ligt dat aan en hoe kan communicatie bijdragen aan een gezonder eetpatroon?’

Gebrek aan autonomie

Wat Smit opvalt aan online gezondheidscommunicatie, is de veelal directieve aard ervan: ‘Op veel sites worden woorden als ‘moet’ en ‘zou moeten’ veelvuldig gebruikt. Daarnaast ontbreekt het aan keuzes; je krijgt als lezer slechts één optie voorgeschoteld. Het kan goed zijn dat mensen zich ergeren aan dat ervaren gebrek aan autonomie, waardoor ze de informatie naast zich neerleggen.’
Zij baseert die aanname op recent Amerikaans onderzoek, waaruit blijkt dat meer dan de helft van de mensen behoefte heeft aan autonomie, aan zélf keuzes maken omtrent hun gezondheid. ‘Dus niet: “Je moet meer bewegen en dat moet je zó doen”, maar: “Meer bewegen heeft positieve effecten op je gezondheid. Je kunt bijvoorbeeld lid worden van een sportvereniging, maar als dit beter bij je past, kun je ook naar je werk wandelen”.’
Overigens geldt de autonomiebehoefte niet voor iedereen; ongeveer 40 procent heeft juist wél behoefte aan sturing en een meer directieve communicatiestijl. ‘Ik denk dat die percentages in Nederland niet veel anders zullen liggen, dus met die kennis ga ik verder aan de slag.’

Op zoek naar de autonomie-ondersteunende boodschap

Smits onderzoek bestaat uit drie subonderdelen. In het eerste onderdeel probeert ze autonomie-ondersteunende strategieën te identificeren. Dat doet zij door middel van een tweetal experimenten, waarbij ze de deelnemers teksten voorlegt die wel of geen keuzes bieden en waarvan het taalgebruik niet of juist wel ‘controlerend’ of sturend is. ‘Ik vermoed dat de ervaren autonomie het grootst is als we een combinatie van het bieden van keuzes en niet-controlerende taal gebruiken.’ In het tweede deel test de communicatiewetenschapper de hypothese dat communicatie op maat effectiever is om mensen te bewegen gezonder te leven (in dit geval minder alcohol gebruiken en meer bewegen).

Praktijkonderzoek

In het laatste deelproject onderzoekt Smit de (kosten)effectiviteit van gezondheidscommunicatie op maat. Het gaat hier om praktijkonderzoek, waarbij de deelnemers worde ‘gerekruteerd’ via bestaande websites die informatie bevatten over minder drinken en meer bewegen. ‘Deze sites bevatten al programma’s die rekening houden met allerlei individuele kenmerken; we voegen er dus alleen het op maat maken van de communicatiestijl aan toe. Door middel van een door mijzelf ontwikkelde vragenlijst achterhalen we hoe autonoom iemand is, en vervolgens krijgt diegene adviezen die zo zijn geformuleerd dat ze bij zijn of haar persoonlijke kenmerken én persoonlijkheid passen.
Voor haar project werkt ze intensief samen met diverse partijen, waaronder het Trimbos Instituut, het Wereld Kanker Onderzoek Fonds, Mentalshare Direct en Vision2Health.
‘Uiteindelijk is het natuurlijk mijn doel ertoe bij te dragen dat mensen gezonder gaan leven, maar voor nu is het belangrijkste dat we weten hoe we individuen moeten communiceren om de effecten van online gezondheidscommunicatie te vergroten.’