Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Een centraal Europees asielsysteem, gesteund door alle lidstaten, komt nooit van de grond. Regel asielopvang met welwillende lidstaten, laat de overige lidstaten hier financieel aan bijdragen en geef Europese steden een grotere rol. Dit concluderen UvA politicologen Jeroen Doomernik en Vincenzo Gomes op basis van hun onderzoek naar het Europese asielsysteem: “Voor ons was dit ook een eyeopener.”

Leden van het Europese parlement bespreken het Europese asiel systeem (foto: Europese Parlement)
Leden van het Europese parlement bespreken het Europese asiel systeem (foto: European Parliament)

Het onderzoek van Doomernik en Gomes maakt deel uit van het Europese project CaesEVAL (Common European Asylum System EVALuation), geleid door de Technische Universiteit Chemnitz in Duitsland. CaesEVAl startte in 2016 om antwoord te vinden op de vragen: wat werkt wel en niet in het Europese asielsysteem, en welke oplossingen zijn mogelijk om het systeem te verbeteren?  

Doomernik en Gomes ontwikkelden en testten verschillende scenario’s voor de toekomst: hoe moet een asielsysteem eruitzien, wie is waarvoor verantwoordelijk, wie stuurt wat aan? Tijdens stakeholdersbijeenkomsten in Amsterdam, Milaan en Wenen, onderzochten ze de haalbaarheid van deze scenario’s met vertegenwoordigers van relevante beleidsafdelingen en organisaties. Ze komen tot de conclusie dat een centraal systeem niet gaat werken, maar zien wel een alternatief.

De ruggengraat van Europees asielbeleid

Europa heeft als ambitie een gemeenschappelijk asielbeleid uit te voeren, onderschreven door alle lidstaten. Op papier bestaat dit beleid ook met als ruggengraat de Overeenkomst van Dublin van 1990 die in 2003 een verordening werd. Hierin is vastgelegd dat een lidstaat waar een asielzoeker aankomt en aanvraag doet, geheel verantwoordelijk is voor die aanvraag. “Helder en met een juridische grondslag”, stelt Doomernik. “Maar de Europese lidstaten die vanaf 2004 bij de EU zijn gekomen, hebben geen stem in deze overeenkomst gehad”, voegt Gomes toe.

Syrische vluchtelingen komen aan in Griekenland
Syrische vluchtelingen komen aan in Griekenland

De vluchtelingencrisis liet de zwakte van het Europese beleid zien

De vluchtelingencrisis in 2015 liet zien dat het Europese asielbeleid niet werkt: Griekenland had niet de infrastructuur om alle asielzoekers op te vangen en een trek door de Balkan was het gevolg. Oost-Europese lidstaten sloten de grenzen, beargumenterend dat zij het Europese asielsysteem niet hadden bedacht, terwijl Duitsland juist haar deuren opende. “Lidstaten verweten elkaar afspraken niet na te komen en het ontbrak aan onderlinge solidariteit om tot een goede verdeelsleutel te komen”, legt Doomernik uit. “Een deal met Turkije werd de oplossing, maar ook nu blijft het stechelen over het aantal vluchtelingen dat Europese lidstaten opnemen.”

"Het huidige Europese asielsysteem werkt heel goed, zo lang er geen asielzoeker aanklopt”

 “Ik was er altijd van overtuigd dat een Europees asielsysteem het beste centraal kan worden aangestuurd, vanuit een Europees orgaan, en met steun van alle lidstaten”, vertelt Doomernik.  “Maar gaandeweg ons onderzoek werd ik daar pessimistischer over. Ik ben nu tot de conclusie gekomen dat het steeds duwen en trekken aan lidstaten, om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen, niet werkt. De consensus die je dan overhoudt, het enige waar iedereen het over eens kan worden, is dat alle deuren dicht blijven. Ik zeg wel eens schertsend: ‘het huidige Gemeenschappelijke Europese Asiel Systeem werkt heel goed, zo lang er geen asielzoeker aanklopt’”, vervolgt Doomernik.

Geografische ligging en staatsinrichting verklaren verschillen

Dat het niet lukt om met steun van alle lidstaten een centraal Europees asielsysteem draaiende te krijgen, wijten Doomernik en Gomes aan het gebrek aan solidariteit, maar ook aan de geografische ligging. Waar lig je ten opzichte van de Europese grens, ben je het eerste land waar een asielzoeker zich meldt en dus verantwoordelijk voor die asielaanvraag? Dit is een reden dat lidstaten aan de buitengrens, waarvan een groot deel later is toegetreden tot de EU, het systeem wil veranderen, terwijl landen zoals Nederland, veilig omringd door andere landen, de politieke noodzaak daarvan niet inzien.

Maar ook speelt de staatsinrichting een rol. In een ver doorgevoerde verzorgingsstaat, zoals bijvoorbeeld Nederland, zijn de verplichtingen aan asielzoekers relatief groot en de kosten daardoor hoog. Ook dat heeft impact op de aantallen die een lidstaat denkt aan te kunnen.

Steden versus staten

Doomernik en Gomes signaleren ook nog een andere dynamiek in het asielsysteem, een met potentie voor de toekomst, namelijk de houding van Europese steden. Deze kan heel anders zijn dan de lidstaten waar ze onderdeel van maken: “Steden zijn veel meer bereid tot opvang en zien kansen in het sociale en menselijke kapitaal dat asielzoekers meebrengen. Staten daarentegen ervaren migranten vooral als last”, stelt Gomes. “Zo zie je regelmatig dat Midden-Europese steden een veel opener houding ten aanzien van vluchtelingen hebben dan hun nationale regeringen die de grenzen juist dicht wil houden”, vult Doomernik aan.

Een systeem van welwillende lidstaten en een rol voor steden

Welk scenario leent zich volgens Doomernik en Gomes het beste voor het Europese asielbeleid? Ze concluderen een scenario met de volgende elementen:

  1. Duw en trek niet langer aan lidstaten die geen asielzoekers willen opvangen. Richt je op de staten die daar wel toe bereid zijn, daarvan zijn er nog steeds genoeg. Financieel kan deze constructie met de overige lidstaten worden verrekenend.
  2. Laat eenmaal erkende vluchtelingen zich vrij vestigen in Europa, zodat vraag en aanbod bij elkaar komen. Hou asielzoekers dus niet vast daar waar de behoefte van de lokale arbeidsmarkt niet aansluit op hun vaardigheden. Je kunt afspreken dat erkende vluchtelingen alleen daar kunnen wonen waar zij ook werken, net zoals bij andere EU-burgers.
  3. Geef steden een grotere rol in het asielsysteem. De stad is de plek waar de meeste asielzoekers naar toe trekken en dus een cruciale schakel in een goed werkend systeem.
dhr. dr. J.M.J. (Jeroen) Doomernik

Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen

Programmagroep: Transnational Configurations, Conflict and Governance