Studieprogramma

Filosofie

De bachelor Filosofie duurt drie jaar. Een studiejaar bestaat uit twee semesters. Een semester is opgebouwd uit twee blokken van 8 weken en een blok van 4 weken. Een studiejaar omvat 60 studiepunten (EC).

Het eerste studiejaar

  • In het eerste studiejaar, de propedeuse, maak je kennis met verschillende aspecten van het vakgebied.
  • In het eerste semester krijg je het vak Praktische filosofie. Dit vak geeft een overzicht van de belangrijkste discussies op het gebied van de ethiek en de politieke filosofie. In dit vak oefen je bovendien je schrijfvaardigheid.
  • Daarnaast volg je een uitgebreid vak Logica.
  • In het tweede semester biedt de Theoretische filosofie een eerste kennismaking met de metafysica, de kentheorie en de taalfilosofie.
  • Het andere vak dat je in het tweede semester volgt, is Geschiedenis van de filosofie.

Het tweede en derde studiejaar

  • De vakken in het tweede en derde jaar bouwen voort op de vakken van de propedeuse. 
  • In het vak Tekst, context en debat worden de vaardigheden die je in de propedeuse hebt geleerd, verder geoefend. Je leest een klassieke filosofische tekst, die je in verband brengt met de historische context waarin hij is ontstaan en met actuele filosofische debatten.
  • In het vak Wetenschapsfilosofie, dat je ook in je tweede jaar volgt, staan vragen centraal als: wat is goede wetenschap, wat onderscheidt wetenschappelijke kennis van andere vormen van kennis?
  • Daarnaast volg je in het tweede en derde jaar opleidingsgebonden vakken, waarin je je kennis van de filosofie verder uitdiept.
  • Je volgt het Filosofisch practicum, waarin je je oriënteert op de arbeidsmarkt en ook bepaalde vaardigheden verder traint (bijvoorbeeld door met medestudenten aan een project te werken).
  • Verder is er in tweede en derde jaar ruimte voor keuzevakken en (eventueel) een minor in een ander vakgebied. Je sluit de bachelor af met een afstudeertraject van 18 EC. 

Een overzicht van de vakken van Filosofie vind je in de digitale UvA Studiegids:

Tijdsbesteding en toetsvormen

Als bachelorstudent ben je zo'n 42 uur per week met de studie bezig. Je besteedt ongeveer 14 uur per week aan colleges. De rest van de tijd ben je bezig met zelfstudie (voorbereiding op colleges, werkstukken en tentamens).

  • Tijdens hoorcolleges licht de docent de literatuur toe die je van tevoren hebt bestudeerd.
  • Tijdens werkcolleges werk je intensief samen met je medestudenten, maak je opdrachten en houd je presentaties.
  • Toetsen bestaan uit schriftelijke of mondelinge tentamens, presentaties, werkstukken of referaten. De resultaten van de toetsen vormen samen het eindcijfer van het vak.

Gepubliceerd door  Faculteit der Geesteswetenschappen

28 mei 2018