Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.
Voor veel kinderen is de universiteit een plek waar ze al vroeg over horen: van familie, op school of in hun omgeving. Voor de leerlingen van de weekendschool van Giving Back Projects, kinderen zonder verblijfsstatus, ligt die wereld vaak verder weg. Op zaterdag 19 september opende de Faculteit Maatschappij & Gedrag (FMG) van de Universiteit van Amsterdam de deuren voor die groep én hun ouders, om zelf te ervaren hoe een universiteit eruitziet, wat wetenschappers doen en welke mogelijkheden studeren kan bieden.

‘Als universiteit willen we er zijn voor de hele samenleving’, zegt Christa Boer, decaan van de FMG. ‘Juist daarom vind ik het belangrijk dat we onze deuren openzetten voor kinderen en ouders voor wie de universiteit misschien minder vanzelfsprekend of dichtbij voelt. Iedereen verdient de kans om te ontdekken wat er mogelijk is en om daarin op weg geholpen te worden. Mooi dat we daar met een dag als deze aan kunnen bijdragen.’

‘Er is vaak meer mogelijk dan ouders denken’

De kinderen en hun ouders kregen veel praktische informatie over bijvoorbeeld het verschil tussen een bachelor en een master en over wat studeren aan een universiteit in de praktijk inhoudt. Maar ook over de mogelijkheden voor ongedocumenteerde jongeren om verder te studeren en over de ondersteuning die daarbij beschikbaar is. Denk aan mogelijkheden om via een studieverblijfsvergunning aan een hogeschool of universiteit te studeren. Misha van Schendel van Human Rights Initiatives: ‘Voor ongedocumenteerde jongeren lijkt de weg naar een vervolgopleiding soms ingewikkeld of zelfs afgesloten, terwijl er vaak meer mogelijk is dan zij en hun ouders denken. Daarom is het zo belangrijk dat zij weten welke mogelijkheden er zijn en waar ze terechtkunnen voor hulp. Ik hoop vooral dat ze na vandaag naar huis gaan met het gevoel: er zijn routes, en ik hoef die niet alleen uit te zoeken.’

Zelf ervaren om wetenschapper te zijn

Ook mochten de kinderen zelf ervaren hoe het is om wetenschapper te zijn. Eddie Brummelman, universitair hoofddocent Pedagogische en Onderwijswetenschappen, nam hen tijdens een interactief minicollege mee in zijn onderzoek naar hoe kinderen opgroeien in een ongelijke samenleving. Wat vinden kinderen ervan dat sommige mensen veel meer geld en kansen hebben dan anderen? Wanneer vinden zij die ongelijkheid eerlijk of juist oneerlijk? En hoe kan onderzoek bijdragen aan een meer rechtvaardige samenleving?
Eddie Brummelman: ‘Wat ik mooi vind aan zo’n dag, is dat leerlingen merken dat hun ideeën ertoe doen en dat de wetenschap zich inzet voor de volgende generatie. Door samen vragen te stellen en onderzoek te doen, hoop ik dat ze ook merken: wetenschap doe je samen. Wie weet waar zo’n eerste kennismaking later toe leidt.’

Ook ruimte voor de vragen van ouders

Terwijl de kinderen met wetenschap aan de slag gingen, was er bewust ook aandacht voor hun ouders. Christa Boer (decaan FMG), Marrit van de Guchte (opleidingsdirecteur Universitaire Pabo) en Elien ten Broeke (studentenvoorlichting Bureau Communicatie) zorgden in een kleine en veilige setting dat de ouders de gelegenheid kregen om vragen te stellen over studeren, de universiteit en de mogelijkheden voor hun kinderen. ‘We willen leerlingen maar ook hun ouders laten zien hoeveel mogelijkheden er zijn. Soms kan één kennismaking al helpen om je blik op de toekomst te verbreden’, zegt Elien ten Broeke. Marrit van de Guchte vult aan: ‘Wat ik bijzonder vond, waren de korte gesprekjes met de leerlingen en hun ouders bij de koffie. Heel voorzichtig vertelden ze over hun dromen: psycholoog worden, of paleontoloog. Juist in die kleine gesprekken wordt zichtbaar hoe waardevol het is om jongeren kennis te laten maken met de mogelijkheden van een universiteit.’