Studieprogramma

Psychobiologie

Psychobiologie is een voltijd studie waarbij vanaf het begin een flinke inspanning van je wordt verwacht. Je bent ongeveer 40 uur per week met je studie bezig. Elk studiejaar is opgebouwd uit twee semesters van twintig weken en omvat 60 studiepunten. Ieder semester bestaat uit twee periodes van acht weken en een periode van vier weken.

Het eerste jaar

Het eerste jaar begint met een introductie van de psychobiologie. Daarna krijg je vakken over genetica en evolutie, cognitieve psychologie, celbiologie, neuroanatomie en -fysiologie. Naast deze vakken is er aandacht voor methoden van onderzoek, statistiek, wiskunde, natuurkunde, scheikunde en leer je werken met programmeertaal R.

Het tweede jaar

In het tweede studiejaar verdiep je je verder in de relatie tussen de hersenen en functies als geheugen, aandacht, motivatie, taal en emotie. Ook leer je meer over de ontwikkeling van het individu en de biologische basis van aandoeningen in het zenuwstelsel.
Het hele jaar volg je parallell aan de vakken een practicumreeks. Je voert in duo’s of in groepen verschillende eigen onderzoeken uit, zoals een EEG-experiment en een moleculair neurobiologisch experiment. Hierover rapporteer je schriftelijk en mondeling. Ook schrijf je een kleine scriptie en volg je een vak over beroepsethiek. Vanaf het tweede jaar schrijf en presenteer je alles in het Engels.

 

Het derde jaar

In het derde jaar kun je een voor jou specifieke track samenstellen uit de aangeboden vakken met verdieping binnen de cognitieve of moleculaire neurowetenschappen of psychologie. Je kunt ook kiezen voor een minor bij een andere opleiding. Door bijvoorbeeld de minor Computational Science vergroot je de kans op toelating tot de master Computational Science. Je kunt er ook voor kiezen om in deze periode onderwijs in het buitenland te volgen.


Aan het einde van het derde jaar rond je de bachelor af met een bachelorproject. Je doet een wetenschappelijke stage waarvan je de uitkomst verwerkt in een wetenschappelijk verslag in het Engels. Na afronding van je bacheloropleiding ontvang je de titel Bachelor of Science (BSc).

Voor de opbouw van het curriculum ga  je naar het studieprogramma en voor de inhoud van alle vakken kun je in de digitale studiegids kijken.

 

Onderwijsvormen

  • Tijdens de interactieve hoorcolleges behandelt de docent de stof, doe je kleine opdrachten en krijg je de gelegenheid om vragen te stellen.
  • Bij een werkgroep ga je met de theorie aan de slag en kun je onder andere werken aan je academische vaardigheden, zoals het schrijven van een onderzoeksverslag en het presenteren van wetenschappelijk onderzoek. De werkgroepen verschillen per vak van grootte. De verhouding docent-student is ongeveer 1:20. 
  • Tijdens een practicum breng je de theorie in de praktijk en ontwikkel je je onderzoeksvaardigheden waarbij je vaak zelf een experiment bedenkt, uitvoert, uitwerkt en presenteert.
  • Iedereen heeft een eigen laptop die wordt ingezet bij de interactieve hoorcolleges, werkgroepen en practicumonderwijs. Zo gebruik je je computer bijvoorbeeld om experimenten te simuleren en om modellen van complexe biologische processen te maken. Daarnaast leer je onderzoeksgegevens verwerken en de basis van het programmeren.

Gepubliceerd door  Faculteit Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica

30 augustus 2017