Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.

Begroting

De begroting biedt inzicht in hoe alle plannen en ambities passen binnen de financiële kaders die zijn beschreven in de Kaderbrief.

  • Toelichting op de begroting 2022

    Op 30 november 2021 heeft het College van Bestuur de begroting voor 2022 vastgesteld, inclusief een geactualiseerd Huisvestingsplan en ICT-projectportfolio. Daarna heeft de Raad van Toezicht de begroting op 15 december goedgekeurd. De Gezamenlijke Vergadering (GV) van CSR en COR heeft op 31 januari 2022 ingestemd met de hoofdlijnen van de begroting 2022. Hiermee is het begrotingsproces afgerond.

    Hogere baten van 6%

    De UvA begroot voor 2022 hogere baten van 6%. Dit is met name te danken aan een hogere Rijksbijdrage, de voornaamste inkomstenbron. Een deel van de stijging van de Rijksbijdrage valt weg tegen lagere inkomsten door de tijdelijke halvering van het wettelijk collegegeldtarief. Ook verwachten we in 2022 meer studenten. De middelen die aan de UvA zijn toegekend uit het Nationaal Programma Onderwijs zullen na een start in 2021 ook in 2022 en latere jaren worden ingezet.

    Hogere lasten van 6%

    De UvA begroot ook hogere lasten van 6% ten opzichte van begroting 2021. Personele lasten hebben het grootste aandeel in de stijging. Dit komt grotendeels door een toename van personele inzet. De afschrijvingslasten zullen komende jaren toenemen door de realisatie van het Huisvestingsplan (HvP). In 2022 is ook investeringsruimte opgenomen voor een financiële impuls voor de doelstellingen van het Instellingsplan.

    Regeerakkoord

    De inkomsten van de UvA nemen toe ten opzichte van 2021, maar dit is niet voldoende om alle ambities van de UvA voor 2022 en verder te realiseren. Net als alle universiteiten geldt voor de UvA dat ze te weinig geld ontvangt voor de kwaliteit die wordt geleverd. In het regeerakkoord zijn extra middelen opgenomen voor het onderwijs en onderzoek. Een groot deel daarvan zal aan de universiteiten worden toegekend. Op dit moment is nog niet bekend in weke omvang en onder welke eventuele voorwaarden dat zal zijn. De UvA bereidt zich erop voor deze middelen zo snel mogelijk in te kunnen zetten en daarmee de druk op medewerkers en studenten te kunnen verlagen.