In mei 1940 viel nazi-Duitsland Nederland binnen. De bezetting duurde vijf jaar. De bezetter eiste dat alle ambtenaren een zogenaamde ariërverklaring ondertekenden, om te bevestigen dat ze niet Joods waren. Dat gold ook voor iedereen die aan de universiteit werkte. Kort daarna werden alle Joodse medewerkers ontslagen. In de loop van de oorlog moesten ook diverse andere hoogleraren en lectoren vertrekken, op politieke gronden. Sommigen werden gearresteerd. Het bestuur koos ervoor zich niet te verzetten, om zo de UvA open te kunnen houden.
Joodse studenten kregen het steeds moeilijker, ook aan de universiteit. Zij moesten vanaf collegejaar 1941-1942 toestemming vragen aan het Ministerie van Opvoeding, Wetenschap en Cultuurbescherming om zich in te schrijven. In datzelfde jaar begonnen in Amsterdam de massale deportaties naar de concentratiekampen. Vele Joodse UvA studenten vonden de dood. De weinigen die wisten te ontkomen, vluchtten of doken onder.
Verschillende studenten, onder wie veel vrouwen, sloten zich aan bij het verzet. Daarmee riskeerden zij hun eigen leven en dat van hun familieleden. In 1943 moesten alle overgebleven studenten een loyaliteitsverklaring tekenen waarin zij trouw beloofden aan de bezetter. Ongeveer 80% van de UvA-studenten weigerde dat te doen. Dat had grote gevolgen, met name voor de mannelijke studenten. Wie niet onderdook, moest voor dwangarbeid naar Duitsland.
In september 1944 sloot de UvA officieel haar deuren, maar ondergronds ging een deel van het onderwijs door. Er ontstond een schaduwuniversiteit, met geheime colleges in huiskamers. In september 1945, vier maanden na de bevrijding, ging de UvA weer open. Bijna driehonderd studenten en medewerkers hadden de oorlog niet overleefd.
Rond de onthulling van het nieuwe gedenkteken krijgen medewerkers die tijdens de Tweede Wereldoorlog op last van de Duitse bezetter werden ontslagen rechtsherstel van de UvA. De ontslagen werden destijds uitgevoerd door het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Amsterdam, omdat de Universiteit van Amsterdam toen onderdeel was van de gemeentelijke organisatie.
Na historisch onderzoek door de afdeling Documentaire Informatievoorziening (DIV) heeft het College van Bestuur van de UvA op 15 september 2026 besloten alle betreffende ontslagen formeel te herroepen. Dit betreft medewerkers die ontslagen werden omdat zij Joods waren, maar ook medewerkers die hun baan verloren als straf voor verzetsactiviteiten. Voor hoogleraren, lectoren en privaatdocenten past de UvA daarnaast de ontslaggegevens aan in het Album Academicum, met een vermelding van het rechtsherstel.
De initiatiefnemers van het vernieuwde oorlogsmonument zijn een groep studenten, onderzoekers en alumni. Het gedenkteken, met namen van de slachtoffers die bij de UvA bekend zijn, is ontwikkeld in opdracht van de UvA en ontworpen door Thonik.
Bent u een nabestaande van een familielid dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte of studeerde aan de UvA en staat deze naam niet op het monument? Neem dan contact op met de afdeling Documentaire Informatievoorziening van de UvA via baliediv@uva.nl
De binnentuin van de Oudemanhuispoort van de UvA is openbaar toegankelijk. Direct rechts vindt u het monument.
Denk je aan zelfdoding? Bel dan 24/7 gratis en anoniem met 113 of chat op 113.nl