Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.

FdR-alumnus Tim Vis heeft Strafrecht en International Criminal Law aan de UvA gestudeerd. Een gesprek over de advocatenserie The Practice en Huub Stapel, maar ook over de hernieuwde aandacht voor de euthanasiewetgeving en de angst onder strafrechtadvocaten. 'Het geeft veel voldoening om als advocaat juist te opereren op het vlak tussen wat juridisch interessant en wat maatschappelijk relevant is.'

Fotograaf: Hans Pieterse

Als kind wil Tim Vis al advocaat worden. Hij kijkt graag met zijn ouders naar de advocatenserie The Practice, over een kantoor in Boston, dat voornamelijk de verschoppelingen in de Amerikaanse maatschappij bijstaat. 'Ik heb de serie onlangs opnieuw gekeken’, zegt Tim. 'De ethische thematiek is heel accuraat. Het verbaast me dat ik zoveel herken uit de dagelijkse praktijk. Met name over het bijstaan van de underdog tegen de staat.' Hij vervolgt: 'Als je een beschaafde maatschappij claimt te zijn, zorg je voor diegenen die mogelijk onderdrukt worden. Ik vind het ontzettend belangrijk dat de overheid zich aan zijn eigen regels houdt.'

Tim levert daarom graag bijstand binnen de sociale advocatuur. Hij staat mensen bij op basis van door de overheid gefinancierde rechtsbijstand. Onlangs nog aan een verslaafde asielzoeker die een loktasje had gepikt van de politie. 'Het juridische venijn zit ’m vaak juist in dat soort ogenschijnlijk kleine zaken', legt Tim uit. 'De zaken waarin je denkt: mag de politie wel gebruikmaken van zo’n loktas? Mag de politie iemand aanhouden voor een preventieve fouillering midden op straat?' Hij is blij met de afwisseling in zijn praktijk tussen grote zaken en bijstand aan 'verschoppelingen'. 'Ook in dat soort zaken zie je rechtsstatelijke dilemma’s terugkomen.'

Huub Stapel

Aan het vak Retorica, dat hij met medestudenten en met emeritus hoogleraar Eugène Sutorius en hoogleraar Jeroen Bons organiseerde, denkt Tim nog regelmatig terug. Voor het vak mochten de studenten zelf gastsprekers uitnodigen. Ze werden gestimuleerd om vooral niet te laag in de boom te gaan zitten. Onder meer acteur Huub Stapel gaf een gastcollege. 'Het college van Huub was echt heel tof. Hij heeft meerdere advocatenrollen gespeeld en had behoorlijk wat research gedaan. Hij zat regelmatig in zittingszalen en heeft advocaten gevolgd, hun mimiek overgenomen en als leek gezien wat een goed pleidooi maakt.'

Met Eugène Sutorius heeft Tim nog steeds veel contact: 'Want een andere juridische passie die wij delen, is het recht bij euthanasie en hulp bij zelfdoding.' Eugène was de voornaamste advocaat en een van de deskundigen op dat vlak en was voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde. Voor Tim is hij nog steeds een waardevolle mentor en sparringpartner. Tim vertelt: 'Eugène heeft mij betrokken bij de verdediging van Albert Heringa, de man die zijn 99-jarige moeder heeft geholpen bij haar zelfverkozen levenseinde. Inmiddels heb ik ook een behoorlijk forse praktijk op het vlak van euthanasie en hulp bij zelfdoding.' Tim noemt het een hot item, omdat er op dit moment veel juridische aandacht, maar ook maatschappelijke aandacht voor is. 'Het is heel bijzondere materie, die doorlopend aan verandering onderhevig is.'

Copyright: FdR
Een arts die euthanasie uitvoert, heeft dat uitzonderlijk zorgvuldig afgewogen. Ik vind dat het strafrecht daar heel ver van weg moet blijven

Gure wind bij het OM

'Sinds de euthanasiewet van 2002 heeft er eigenlijk geen haan meer naar gekraaid. De artsen werden getoetst door de toetsingscommissies. Het Openbaar Ministerie ging in gesprek met een arts als er iets niet helemaal vlekkeloos leek te zijn gegaan. Daar werden lessen uit getrokken voor de toekomst en dat was het. Sinds 2018 is er een andere, heel gure wind gaan waaien bij het OM. Er is verscherpte aandacht voor al het recht rond het eigen levenseinde. Zowel betrokken artsen worden aan nader onderzoek en nader strafrechtelijk ingrijpen onderworpen als naasten die hun dierbaren helpen bij hun eigen levenseinde.'

Tim vindt dat het geen recht doet aan de heel intieme beslissing om het eigen leven te beëindigen. 'Ik vind dat het belangrijk is dat je dat met een naaste mag doen. Sterven doe je niet alleen. Maar ook voor artsen vind ik dat daar een ongelooflijk wantrouwen uitspreekt dat wat mij betreft totaal niet gerechtvaardigd is. Ik heb met heel veel artsen over dit onderwerp gesproken. Een arts die euthanasie uitvoert, heeft dat uitzonderlijk zorgvuldig afgewogen. Ik vind dat het strafrecht daar heel ver van weg moet blijven.'

'Het OM heeft ervoor gekozen om het strafrecht weer onderwerp te laten zijn van het debat rondom euthanasie. Ik vind dat een onjuiste ontwikkeling maar tegelijkertijd ben ik vereerd dat ik in een heleboel van dat soort zaken nu actief een bijdrage kan leveren. Het is zeer uitdagend en het geeft veel voldoening om als advocaat juist te opereren op het vlak tussen wat juridisch interessant en wat maatschappelijk relevant is. Dit is bij uitstek zo’n thema en dat is waar mijn professionele hart harder van gaat kloppen.'

Iemands advocaat, geen boezemvriend

We vragen Tim of hij als strafrechtadvocaat ook angst ervaart. ‘18 september 2019 is een waterscheidingsmoment', antwoordt hij. 'De moord op Derk Wiersum leeft bij iedere strafrechtadvocaat en dat zal zo blijven. Ons vak is op die dag echt veranderd.’ Een sterke rolvastheid en een zeer bewuste rolethiek helpen om op het goede spoor te blijven, meent Tim. ‘Ik ben een advocaat die behoorlijk strakke beroepsethische normen heeft en naleeft. Wij zijn onafhankelijk ten opzichte van onze cliënt en ten opzichte van de rechterlijke macht, ten opzichte van iedereen. Ik ben iemands advocaat, niet iemands boezemvriend.' Hij merkt ook wel dat er een verharding plaatsvindt. 'Ook ik heb doodsbedreigingen aan den lijve ondervonden. Ik neem het de bewuste persoon niet kwalijk, maar het was heel akelig. Het hoort er niet bij in de zin van: dat neem je voor lief. Maar het is iets wat helaas ook onderdeel is geworden van de dynamiek van ons vak.'

Waar ziet Tim zichzelf in de toekomst?

'Die toga zit mij als gegoten. Niet alleen in letterlijke, maar ook in figuurlijke zin. Ik zie mezelf hem voorlopig nog niet uittrekken. Dat neemt niet weg dat ik altijd al de ambitie heb gehad om op enig moment weer de academische wereld in te gaan. Ik vind vooral het internationaal strafrecht heel interessant. Daar heb ik in de praktijk weinig mee te maken, maar het prikkelt academisch nog steeds.'