Geschiedenis
Een politieke geschiedenis van gender toont de relevantie van gender en seksualiteit voor historische veranderingsprocessen in het algemeen. Via gender, seksualiteit en voortplanting wordt de overdracht van macht, status en verschil van de ene generatie op de volgende immers gereguleerd. Gendergeschiedenis is volgens Mak dus geen interessante voetnoot bij de ‘echte’ geschiedenis, maar betreft de verknooptheid van persoonlijke en intieme omstandigheden met grote politiek-historische ontwikkelingen.
Vanaf de Verlichting vormden huishoudens in West-Europa een centrale plaats waar biopolitics met betrekking tot onder meer gender, seksualiteit en overgeërfd verschil concreet gestalte kregen. Dit gold ook voor de koloniën. Het opnemen en heropvoeden van Papoea-kinderen in Nederlandse zendingshuishoudens, bijvoorbeeld, was het begin van diep in de bestaande Papoea samenlevingen ingrijpende koloniale maatregelen. De helemaal naar christelijk-Westers model geplooide kinderen stonden zelf aan het begin van een nieuw christelijk geslacht van Papoea’s. Via de zendingshuishoudens werd zo ingegrepen in een geschiedenis ‘van geslacht op geslacht’.
In de huishoudens waren vrouwen vaak de spil. Vanaf het einde van de negentiende eeuw grepen Westerse vrouwenorganisaties deze opvoedende maatschappelijke rol van moeders aan voor een maternalistische feministische politiek. Zo bleek het koloniale beschavingsoffensief intrinsiek verweven met een Nederlands feministisch vertoog.
Mw. G.A. Mak, bijzonder hoogleraar Politieke geschiedenis van gender in Nederland: Huishouden in Nederlands Nieuw Guinea. Geschiedenis van geslacht op geslacht.