Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.
Hoe kan het dat in een van de allerijkste, allergelukkigste en allergezondste landen van de wereld een derde van de kiezers op radicaal-rechts stemt? Zijn hiervoor objectieve redenen aan te wijzen, of is dit vooral een uitdrukking van de toenemende emotionalisering van de politiek en samenleving: een ontwikkeling waarin feiten er nauwelijks meer toedoen en 'gevoel' domineert? Deze vragen staan centraal in het afscheidscollege van Jan Willem Duyvendak.
Kerngegevens van evenement Where to Belong? Emotie, de natie en de sociologie
Datum
24 april 2026
Tijd
16:30
Jan Willem Duyvendak (foto: Mats van Soolingen)

Hoewel emoties ook positief door sociale bewegingen kunnen worden gemobiliseerd om meer gelijkheid te bereiken, valt op dat met name radicaal-rechts de afgelopen jaren vooral negatieve emoties aanwakkert: angst, wraak en wrok. Met één uitzondering: 'thuis voelen'. Dat is een positieve emotie, een gevoel dat nadrukkelijk wordt geclaimd voor echte, autochtone Nederlanders. Ook al klinkt 'thuis voelen' op het eerste gezicht lief en inclusief, het wordt vrijwel steevast gevolgd door de vraag wie hier eigenlijk 'thuis hoort'. Belonging is daarmee per definitie een exclusieve, uitsluitende emotie, aldus Duyvendak.

Twee misvattingen over polarisatie en ongelijkheid

In zijn afscheidscollege onderzoekt Duyvendak waar de breed gedragen opvatting vandaan komt dat polarisatie en ongelijkheid in Nederland zouden toenemen. Hij wijst op twee onderliggende redenen voor deze misvatting.

Ten eerste wordt het hoge aantal demonstraties doorgaans geïnterpreteerd als bewijs van groeiende afstand tussen groepen, terwijl deze mobilisaties in bijna alle gevallen juist wijzen op afgenomen afstand: vrijwel iedereen in Nederland beschouwt zichzelf als politiek handelingsbekwaam en niemand accepteert resterende vormen van ongelijkheid nog als vanzelfsprekend.

Dat brengt ons bij de tweede reden: ongelijkheid is, afgezien van vermogensongelijkheid, niet toegenomen, maar onze gevoeligheid daarvoor wel. Die gevoeligheid heeft twee kanten: enerzijds accepteren we ongelijkheid beduidend minder dan voorheen, anderzijds leidt dat sterke gevoel ertoe dat velen ook menen dat de ongelijkheid feitelijk is gegroeid. Het is dus niet de werkelijkheid die is veranderd, maar de beleving ervan, betoogt Duyvendak.

Verliesangst, niet feitelijk verlies

De toegenomen steun voor radicaal-rechts wordt veelal toegeschreven aan zogenaamd objectieve ontwikkelingen: aanhangers van deze partijen zouden de 'losers of globalization' zijn. In de Nederlandse context is er echter niet zozeer sprake van daadwerkelijk verlies, maar van verliesangst: een angst die juist gedijt omdat zoveel mensen zoveel te verliezen hebben, aldus Duyvendak.

Prof. dr. W.G.J. Duyvendak, hoogleraar Sociologie: Where to Belong? Emotie, de natie en de sociologie. 

Dit afscheidscollege is hier live te volgen.

Aula - Lutherse kerk

Singel 411
1012 WN Amsterdam