Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Switch to English

Dhr. dr. G. Muyzer is benoemd tot hoogleraar Microbiële Systeemecologie aan de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica.

dr. G. (Gerard) Muyzer

Dhr. dr. G. Muyzer is per 1 december benoemd tot hoogleraar Microbiële Systeemecologie aan de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica van de Universiteit van Amsterdam (UvA). De leerstoel is ondergebracht bij het Instituut voor Biodiversiteit en Ecosysteem Dynamica (IBED) en hoort bij het onderzoekszwaartepunt Systeembiologie van de UvA.

Gerard Muyzer zal zich richten op de bestudering van microbiële levensgemeenschappen waarbij hij een systeembiologische benadering zal gebruiken. Met behulp van moderne omics-technieken (metagenomics, metatranscriptomics, metaproteomics) zal hij de diversiteit en ecofysiologie van micro-organismen uit de natuur en bioreactoren bestuderen. Met zijn onderzoeksresultaten modelleert Muyzer het metabolisme van de bacteriën en hun interacties (concurrentie/co-existentie) binnen de levensgemeenschap. Zijn onderzoek sluit aan bij lopend onderzoek van de IBED-onderzoeksgroep Aquatische Microbiologie naar de ecologie van cyanobacteriën en andere fototrofe micro-organismen. Muyzer gaat tevens onderzoek doen naar het moleculaire mechanisme waarmee halo-alkalifiele zwavelbacteriën zich aanpassen aan de extreme condities van hoge zuurgraad (pH) en zoutconcentratie. Daarnaast bestudeert hij de diversificatie en niche-differentiatie van de zwavelbacterie Thioalkalivibrio. Dit onderzoek wordt mogelijk gemaakt door het Joint Genome Institute in de Verenigde Staten, dat de volledige genomen van 100 stammen zal bepalen.

Muyzer startte zijn wetenschappelijke carrière in de moleculaire paleontologie, waarbij hij immunologische en biochemische technieken gebruikte om oorspronkelijke eiwitten aan te tonen in fossiele botten en schelpen. Geïnspireerd door het werk van de Amerikaanse wetenschappers Pace en Stahl veranderde zijn onderzoeksinteresse van dinosauriërs naar bacteriën. Hij introduceerde denaturing gradient gel electrophoresis (DGGE) in de microbiologie als een snelle en eenvoudige methode om de structuur en dynamiek van microbiële levensgemeenschappen te bestuderen. Met behulp van deze en andere moleculaire technieken onderzocht hij de ecologie van cyanobacteriën en zwavelbacteriën in verschillende ecosystemen. Recent onderzoek aan de TU Delft had een meer toegepast karakter; hier werkte hij aan het ontzwavelen van afvalwater en gasstromen met behulp van bacteriën die geïsoleerd waren uit sodameertjes. Deze bacteriën, die leven bij extreem hoge pH’s en zoutconcentraties, zetten het giftige zwavelwaterstof om in zwavel, dat daarna kan worden hergebruikt in kunstmest.