Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Bijna een jaar na het begin van de coronacrisis heeft de diepe economische recessie grote economische en sociale consequenties. In een speciale editie van het Global Competitiveness Report laat het World Economic Forum (WEF) zien hoe herstel van de coronacrisis kan leiden tot productieve, duurzame en inclusieve economische systemen. Met name Nederland en de Scandinavische landen zijn volgens het WEF het beste geëquipeerd om een lange-termijntransformatie te bewerkstelligen. Welvaart op lange termijn vereist betere publieke diensten, groene investeringen en digitalisering, aldus het rapport. Het Amsterdam Centre for Business Innovation van de Amsterdam Business School van de UvA, onder leiding van prof. dr. Henk Volberda, is partnerinstituut van het World Economic Forum en verzamelde de gegevens voor Nederland.

Terwijl geen enkel land het virus kan ontkomen, stelt het Global Competitiveness Report van het World Economic Forum (WEF) dat landen met een geavanceerde digitale economie en digitale vaardigheden, een robuust sociaal vangnet en ruime ervaring met vorige pandemieën het beste in staat zijn om de economische effecten van de pandemie te beperken. The Global Competitiveness Report Special Edition 2020: How Countries are Performing on the Road to Recovery laat zien hoe landen economisch herstel en een lange-termijntransformatie kunnen bewerkstelligen.

Figuur: Ranking van landen op economic transformation readiness
Figuur: Ranking van landen op economic transformation readiness

De belangrijkste bevindingen

  • De overgang naar een groenere en meer inclusieve economie moet worden ondersteund door aanzienlijke investeringen in infrastructuur, waaronder een uitbreiding van digitale netwerken. Denemarken, Estland, Finland en Nederland zijn hier momenteel het best op voorbereid.
  • Vergroening van de economie vereist het opwaarderen van de energie-infrastructuur, transportnetwerken en toezeggingen van zowel de publieke als de private sector om multilaterale overeenkomsten inzake milieubescherming te respecteren. Denemarken, Estland, Finland en Nederland zijn het best voorbereid om door hun uitmuntende infrastructuur economische transformatie te realiseren. Minder voorbereide landen zijn onder meer Rusland, Indonesië, Turkije en Zuid-Afrika.
  • Toenemende prikkels om financiële middelen op lange-termijninvesteringen te richten in de reële economie kunnen de stabiliteit versterken en inclusie vergroten. Finland, Zweden, Nieuw-Zeeland en Oostenrijk zijn relatief beter voorbereid dan andere geavanceerde economieën. De Verenigde Staten zijn het minste voorbereid.
  • Verschuiving naar meer progressieve belastingstelsels komt naar voren als een belangrijke aandrijver van economische transformatie. Korea, Japan, Australië en Zuid-Afrika scoren hier het hoogste dankzij relatief evenwichtige en progressieve belastingstructuren.
  • Toekomstgericht onderwijs, arbeidswetgeving en inkomenssteun zouden beter geïntegreerd moeten zijn om de sociale beschermingsvloer uit te breiden. Duitsland, Denemarken, Zwitserland en de het Verenigd Koninkrijk zijn relatief beter voorbereid dan andere om adequate arbeidsbescherming te combineren met nieuwe sociale vangnetmodellen. Zuid-Afrika, India, Griekenland en Turkije scoren hier juist veel minder.
  • Langdurige en oplopende investeringen in onderzoek, innovatie en uitvindingen kunnen nieuwe ‘markten van morgen’ creëren en groei stimuleren. Finland, Japan, de Verenigde Staten, de Republiek Korea en Zweden zijn hiertoe beter in staat, terwijl Griekenland, Mexico, Turkije en de Slowakije minder zijn goed voorbereid.

Nederland op vierde plaats

Hoewel ons land momenteel in een harde lockdown zit, behoort Nederland tot de selecte groep van landen die het beste in staat zijn om zich uit de coronacrisis te transformeren. Op vrijwel alle prioriteitsgebieden voor economische transformatie scoort de Nederlandse economie volgens Volberda zeer goed. ‘Verbeterpunten voor de Nederlandse economie zijn een herziening van hoe bedrijven, vermogen en arbeid worden belast in nationaal en internationaal verband. Ook is er meer aandacht nodig voor concurrentie en mededinging in sleuteltechnologieën van de vierde industriële revolutie - kunstmatige intelligentie, big data en robotica, zodat Nederlandse bedrijven nieuwe verdienmodellen kunnen ontwikkelen. Ook zijn er meer langdurige en oplopende investeringen nodig in onderzoek en innovatie om ook in nieuwe markten te domineren en zullen bedrijven meer aandacht moeten besteden aan de lange termijn’, aldus Volberda. 

Over het Global Competitiveness Report

De jaarlijkse graadmeter van internationaal concurrentievermogen is uitgevoerd onder 126 landen. Dit jaar wordt voor het eerst sinds 1979 geen ranking gegeven, maar wordt aangegeven welke economieën het beste in staat zullen zijn om zich te transformeren. De reguliere ranking van het concurrentievermogen van landen is dit jaar uitgesteld vanwege de bijzondere coronamaatregelen van overheden.