Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.
Op 12 april gaat Hongarije naar de stembus voor de parlementsverkiezingen. Na ruim vijftien jaar aan de macht rijst de vraag: komt er een einde aan het premierschap van Viktor Orbán? Samen met Krisztina Lajosi, universitair docent Europese Studies, blikken we vooruit.
Foto: Steffen Prößdorf

‘Het is opvallend hoeveel internationale aandacht deze verkiezingen krijgen voor een relatief klein land,’ zegt Lajosi. ‘Maar het heeft er ongetwijfeld alles mee te maken dat de uitslag toekomstbepalend is. Niet alleen voor Hongarije, maar ook voor de Europese Unie.’

De afgelopen zestien jaar was Viktor Orbán met zijn partij Fidesz aan de macht. In die jaren ontpopte hij zich tot plaaggeest van de Europese Unie: hij blokkeerde belangrijke besluiten, onderhield nauwe banden met Rusland en verzette zich geregeld tegen Europees beleid. Tegelijkertijd werd de democratische rechtsstaat uitgehold en kwam een groot deel van de media in handen van regeringsgezinde partijen.

Lange tijd leek Orbán onaantastbaar. De oppositie slaagde er nauwelijks in een overtuigend alternatief te bieden. Vier jaar geleden bundelden verschillende partijen hun krachten, maar ook toen wist Fidesz ruim te winnen.

Nieuwe uitdager

Dit keer lijkt de strijd spannender. Péter Magyar, leider van de conservatieve Tisza-partij, staat al maanden voor in de peilingen. Toch waarschuwt Lajosi voor te veel optimisme: ‘Verkiezingen win je met stemmen, niet met peilingen. Het is zeker niet uitgesloten dat Orbán opnieuw wint.’

Onder kiezers die verandering willen, leeft sterk het gevoel dat het nu of nooit is. Een stem op Magyar is vaak vooral een stem tegen Orbán. Inhoudelijk gezien liggen beide kandidaten volgens Lajosi niet eens extreem ver uit elkaar: beiden zijn conservatief-rechts, al profileert Magyar zich als iets milder en is hij duidelijk pro-Europees, in tegenstelling tot Orbán.

In zijn campagne benadrukt Magyar het belang van het Hongaarse EU-lidmaatschap. In zijn partijprogramma stelt hij expliciet ‘voor Europa te kiezen’ en pleit hij voor het herstellen van vertrouwen met zowel de EU als de NAVO. Op termijn wil hij dat Hongarije, uiterlijk in 2030, de euro invoert. Daarnaast wil hij de 18 miljard euro aan Europese fondsen die momenteel zijn bevroren vanwege schendingen van de rechtsstaat onder Viktor Orbán terughalen. Volgens hem zijn deze onmisbaar voor het herstel van de Hongaarse economie.

'Verder noemt hij ook uitgebreid de corruptie die onder Orbán flink is toegenomen’, zegt Lajosi. 'Tegelijkertijd blijft hij weg bij andere gevoelige onderwerpen. Zo laat hij zich niet uit over de Pride die verboden is in Hongarije en de mensenrechten van de LGBTQ-gemeenschap die in Hongarije flink onder druk staan. Ook over Oekraïne zegt Magyar eigenlijk heel weinig.’

Krisztina Lajosi

Krisztina Lajosi is opleidingsdirecteur Europese Studies en Religiewetenschappen. Ze is universitair docent en onderzoeksleider bij de afdeling Europese Studies van de Universiteit van Amsterdam. Haar expertise ligt op het gebied van nationalisme en populisme vanuit een historisch perspectief, met een bijzondere focus op Hongarije, Centraal- en Oost-Europa, evenals de Oost-West-relaties in Europa. Haar onderzoek richt zich op de interacties tussen cultuur en politiek, met name op hoe opera en muziek bijdragen aan de vorming van collectieve identiteiten.

Invloed van propaganda en beleid

Tegenover de campagne van Magyar zet Orbán een verhaal neer dat hij zorgt voor stabiliteit. ‘Een bekende tactiek is dat hij zichzelf presenteert als diegene die het land voor chaos behoedt en Hongarije beschermt tegen een extern gevaar. Momenteel zet hij Oekraïne neer als een land dat Hongarije zou willen aanvallen en wekt hij de indruk dat beide landen met elkaar in een conflictsituatie verkeren.'

En dat beeld blijft bij veel mensen hangen. Vooral bij oudere kiezers die intensief via staatsmedia worden bereikt. Volgens Lajosi is de invloed van propaganda sterk. ‘Het is absoluut onwaar, maar het valt niet te onderschatten wat een constante stroom van misinformatie met mensen doet.’

De manier waarop campagne wordt gevoerd, roept vragen op over de eerlijkheid van het proces. ‘Er is niet alleen sprake van binnenlandse misinformatie,’ zegt Lajosi. ‘Er komen ook steeds meer signalen van buitenlandse inmenging.’

Zo zou er een omvangrijk Russisch spionnennetwerk actief zijn in Hongarije, terwijl Europese inlichtingendiensten proberen in te grijpen. ‘Het land lijkt bijna een proeftuin voor verkiezingsbeïnvloeding. Tel daarbij op dat Orbán de kiesdistricten heeft aangepast in het voordeel van Fidesz en mensen in buitenland moeilijk kunnen stemmen en je kunt je afvragen hoe vrij deze verkiezingen zijn. Ik vind het heel zorgelijk.’

Grote inzet voor de toekomst

De uitkomst van 12 april kan verstrekkende gevolgen hebben. ‘Als Orbán wint, is het niet ondenkbaar dat Hongarije zich verder van de EU verwijdert, mogelijk zelfs richting een vertrek,’ stelt Lajosi. ‘De Europese Unie is er flink klaar mee dat hun besluiten constant worden gefrustreerd door één land. Maar ook binnen Hongarije groeit het idee om de EU te verlaten. Sommige extreemrechtse groepen pleiten openlijk voor een breuk met Europa, dat zij zien als een bemoeizuchtige, globalistische macht. Volgens hen verschuift het mondiale machtscentrum en behoort Europa tot de verliezers.’

De verkiezingen zijn daarmee niet alleen een nationale strijd, maar ook een test voor de toekomst van Europa.

Dr. K.K. (Krisztina) Lajosi-Moore

Faculteit der Geesteswetenschappen

Europese studies