Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.
De biodiversiteit verandert wereldwijd, maar overheden beschikken nog steeds niet over de robuuste, consistente data die nodig zijn om deze veranderingen te volgen en effectief natuurbehoud te bewerkstelligen. Een nieuwe studie, geleid door de Universiteit van Amsterdam (UvA), het Duitse Centrum voor Integratief Biodiversiteitsonderzoek (iDiv) en de Martin Luther Universiteit Halle-Wittenberg (MLU), stelt nu een uitgebreide routekaart voor om een modern, geïntegreerd biodiversiteitsobservatienetwerk (BON) voor Europa op te bouwen. De studie is gepubliceerd in het tijdschrift Nature Reviews Biodiversity.
Een berkenbos in het Hainich National Park, Thüringen, Duitsland. Copyright: Stefan Bernhardt / iDiv

"Ons voorstel biedt een plan voor Europa om de rommelige en onsamenhangende monitoringsystemen te verbeteren", zegt hoofdauteur dr. Daniel Kissling, universitair hoofddocent aan de UvA. "We willen één gecoördineerd, continent breed netwerk creëren dat veranderingen in soorten en ecosystemen kan volgen – gebaseerd op data variërend van het DNA van planten en dieren tot complete bossen, rivieren en oceanen."

Een uniform monitoringsysteem

De routekaart identificeert 84 essentiële biodiversiteitsvariabelen (EBV's) die de ruggengraat vormen van een geharmoniseerd monitoringsysteem. Deze EBV's – van vogelrijkdom en insectenfenologie tot de omvang van zeegrasvelden, genetische diversiteit en ecosysteemproductiviteit – bieden Europa een consistente, gestandaardiseerde checklist voor het meten van de staat en veranderingen van de biodiversiteit.

"Europa heeft honderden monitoringprogramma's, maar de gegevens zijn vaak gefragmenteerd, incompatibel of onvolledig", zegt hoofdauteur prof. Henrique Pereira, hoofd van de onderzoeksgroep bij iDiv en de MLU. "Onze routekaart biedt de architectuur voor een echt geïntegreerd, transnationaal systeem – een systeem dat alle waarnemingen samenbrengt in een coherent geheel."

Om deze transitie mogelijk te maken, stellen de auteurs voor een Europees coördinatiecentrum voor biodiversiteitswaarnemingen (EBOCC) op te richten. Dit nieuwe orgaan op EU-niveau zou werkprocessen moeten gaan coördineren, methoden harmoniseren, zorgen voor transparant gegevensbeheer, monitoring afstemmen op de behoeften van het EU-beleid en fungeren als centrale hub voor nationale en Europese data-infrastructuren.

Hoogtechnologisch & mensenwerk

Een belangrijke boodschap van de routekaart is dat Europa de gecombineerde krachten van technologische innovatie en menselijke expertise moet benutten, inclusief het potentieel van nieuwe digitale technologieën, zoals:

• Geautomatiseerde digitale sensoren zoals akoestische vogelregistratie, wild- en insectencamera's en biologische en weerradars;

• AI voor soortherkenning en geautomatiseerde gegevensverwerking;

• Omgevings-DNA (eDNA) en metabarcoding voor het detecteren van soorten en gemeenschappen in water, bodem of lucht;

• Geavanceerde teledetectie met behulp van satellieten (waaronder Copernicus), vliegtuigen en drones om habitats, vegetatiestructuur en veranderingen in ecosystemen te observeren.

De routekaart benadrukt ook dat mensen centraal blijven staan ​​bij biodiversiteitsmonitoring. Burgerwetenschappers, taxonomische experts en professionele monitoringnetwerken leveren essentiële observaties, expertise en continuïteit. Nieuwe technologieën vullen hun bijdragen aan en versterken deze, waardoor biodiversiteitsmonitoring efficiënter, schaalbaarder en inclusiever wordt, terwijl menselijke kennis en betrokkenheid fundamenteel blijven voor het Europese monitoringsysteem.

Overbruggen van datagaten

De huidige biodiversiteitsgegevens van Europa zijn uitgebreid, maar verspreid. De routekaart stelt voor om datapijplijnen te bouwen die informatie uit veel verschillende bronnen kunnen integreren – zoals professionele veldnotities, meldingen van het publiek, elektronische sensoren, DNA-monsters en satellietbeelden – en deze samenvoegen tot schaalbare EBV-datasets.

Deze nieuwe pijplijnen moeten Europa in staat stellen om duidelijke rapporten voor beleidsmakers op te stellen, trends snel te signaleren en vroegtijdige waarschuwingen te geven voor ecologische veranderingen.

Internationale stap voorwaarts voor het beleid

De routekaart is ontworpen door EuropaBON, een Horizon 2020-project waaraan 15 onderzoeksinstellingen in heel Europa deelnemen, en heeft al geleid tot een sterke reactie van de kant van beleidsmakers. Het Europees Parlement heeft een voorbereidende actie goedgekeurd waarmee het EBOCC kan beginnen met de implementatie van delen van de routekaart. De routekaart voor het EBOCC sluit direct aan op de EU-biodiversiteitsstrategie voor 2030, de Verordening inzake natuurherstel (NRR) en andere belangrijke EU-milieuwetgeving, waaronder de Vogelrichtlijn, de Habitatrichtlijn, de Kaderrichtlijn Water en de Kaderrichtlijn Mariene Strategie. Door geharmoniseerde biodiversiteitsgegevens te leveren, zou een EBOCC de rapportage aanzienlijk verbeteren en de implementatie in de lidstaten ondersteunen.

Wereldwijd zou het systeem helpen de voortgang richting het Kunming-Montreal Global Biodiversity Framework (GBF) te volgen, de beoordelingen van het Intergovernmental Science-Policy Platform on Biodiversity and Ecosystem Services (IPBES) te ondersteunen en bij te dragen aan GEO BON (Group on Earth Observations Biodiversity Observation Network).

Details van de publicatie:

Kissling, W.D. et al. (2026): Building the backbone for Europe’s biodiversity monitoring. Nature Reviews Biodiversity, DOI: https://doi.org/10.1038/s44358-026-00140-6

Full access, view only versie van de paper: https://rdcu.be/e5bRY

Dr. rer. nat. W.D. (Daniel) Kissling

Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica

Institute for Biodiversity and Ecosystem Dynamics