Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Uit een enquête naar thuiswerken versus forenzen, blijken tegenstrijdige wensen over mobiliteit. Veel mensen verwelkomen de mogelijkheid van meer thuiswerken, maar waarderen en missen ook aspecten van het forenzen. Mobiliteitsonderzoekers van de Universiteit van Amsterdam suggereren een minder autoafhankelijk systeem dat aan beide wensen tegemoet komt.

Nederlandse snelweg voor en tijdens de coronacrisis
Nederlandse snelweg voor en tijdens de coronacrisis

Mobiliteit en autogebruik waren dagelijkse gewoonten waar we misschien niet veel over nadachten. Door de uitbraak van het coronavirus adviseerden of dwongen overheden wereldwijd hun burgers zo veel mogelijk thuis te werken. Dit bood een unieke kans te verkennen hoe een samenleving eruitziet die minder mobiel is, hoe mensen mobiliteit waarderen, en lessen te trekken voor een duurzamer mobiliteitssysteem. Mobiliteitsonderzoekers van de Universiteit van Amsterdam vatten de voorlopige eerste resultaten van hun onderzoek hiernaar samen.

Enquête over thuiswerken als alternatief voor forenzen

De onderzoekers zetten in april 2020 een online enquête uit waarin mensen naar hun opvattingen en ervaringen over thuiswerken werd gevraagd als alternatief voor forenzen. Wat zien mensen als de voornaamste voor- en nadelen van thuiswerken? Missen ze de ervaring van het reizen naar werk? Verwachten ze meer thuis te blijven werken als de huidige restricties weer zijn opgeheven? De enquête is door 513 in Nederland woonachtige mensen ingevuld.

Zo zien we dat mensen de interactie met collega’s missen, maar ook thuiswerken zijn gaan waarderen:

  • De meerderheid geeft aan dat face-to-face contact zeer belangrijk is voor plezier in werk.
  • De helft van de respondenten stelt face-to-face interactie belangrijker te zijn gaan vinden tijdens deze pandemie.
  • Bijna de helft is nu positiever over de potentie van thuiswerken, tegenover een kleine minderheid die negatiever is geworden.
  • Mensen die voorheen niet regelmatig thuiswerkten zijn in het algemeen meer van mening veranderd over thuiswerken, zowel positief als negatief.
  • Respondenten, zowel met als zonder kinderen, zien als grootste voordelen van thuiswerken: het niet hoeven te forenzen, de mogelijkheid om werk met andere taken te combineren en een flexibelere dagindeling.

De intrinsieke waarde van mobiliteit

De enquête levert ook meer inzicht in de intrinsieke waarde van mobiliteit. Zo geeft een ruime meerderheid van de respondenten aan dat ze aspecten van forenzen missen. Afhankelijk van het vervoermiddel waren dit bijvoorbeeld het genieten van de omgeving, de activiteit, naar muziek luisteren en het gevoel even alleen te zijn.

De respondenten die normaal gesproken met de auto naar hun werk reizen, misten het forenzen echter het minst: meer dan de helft miste niets van hun reis. Zij die de fiets pakken misten forenzen het meest: 92% van de fietsers miste in ieder geval enkele aspecten van de reis (zoals de activiteit en het genieten van de omgeving).

Mobiliteit na de restricties

In de enquête is ook gevraagd wat mensen gaan doen wanneer de maatregelen worden opgeheven: bijna 40% wil weer terug naar de oude werksituatie, 41% van de respondenten is van plan meer thuis te gaan werken, maar een minderheid verwacht dat dit niet mogelijk zal zijn. Mensen die het forenzen missen, willen vaker terug naar hun oude werkpatronen, dan mensen die het forenzen niet missen.

Een minder auto-afhankelijke woon-werkmobiliteit

De onderzoekers concluderen dat veel mensen de mogelijkheid van meer thuiswerken lijken te verwelkomen, maar dat met forenzen ook de gewaardeerde face-to-face interacties met collega’s komen en dat het forenzen zelf een intrinsieke waarde kan hebben, vooral voor fietsforenzen. De onderzoekers suggereren daarom een flexibel systeem dat het mogelijk maakt om vaker te forenzen met de fiets en te voet, gecombineerd met meer kansen voor thuiswerken (indien gewenst en mogelijk).

De onderzoekers benadrukken dat deze resultaten in het licht van de buitengewone omstandigheden van de coronacrisis moeten worden bekeken. Ze trekken geen definitieve conclusie, maar hopen een bijdrage te leveren aan de discussie over de transitie naar een minder auto-afhankelijke woon-werkmobiliteit.

In het tweede traject van dit onderzoek worden er vervolginterviews afgenomen met respondenten en verkennen en verdiepen de onderzoekers de uitkomsten verder.

Nederlandse samenvatting van het onderzoek

Onderzoekers

Het onderzoek werd uitgevoerd door Ori Rubin, Anna Nikolaeva, Samuel Nello-Deakin en Marco te Brömmelstroet van de Afdeling Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkeling aan de Universiteit van Amsterdam.

dhr. dr. O. (Ori) Rubin-

Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen

Programmagroep: Urban Planning

mw. dr. A.A. (Anna) Nikolaeva

Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen

Programmagroep: Urban Planning

dhr. S. (Samuel) Nello Deakin MSc

Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen

Programmagroep: Urban Planning

dhr. prof. dr. M.C.G. (Marco) te Brommelstroet

Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen

Programmagroep: Urban Planning