Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.

De vraag naar jeugdhulp is enorm toegenomen, maar de meeste interventies zijn eigenlijk nauwelijks verbeterd. Het resultaat is dat kinderen en jongeren langer in behandeling blijven tegen hogere kosten en zich niet gehoord voelen in het jeugdhulpsysteem. Wetenschappers gaan het proces daarom omdraaien, net zoals ontwerpers dat doen. Wat zegt de eindgebruiker? Welke ideeën hebben kinderen en jongeren zélf over opvoeden en opgroeien?

handen ineen geslagen

De vraag naar ondersteuning bij opvoeden en opgroeien is enorm toegenomen. Maar de meeste behandelinterventies zijn niet noemenswaardig verbeterd. Bovendien zijn vooral ouders met een hoger inkomen meer gebruik gaan maken van de jeugdhulp. ‘Door de hoge prestatiedruk en geluksnorm zijn gewone obstakels in het opgroeien en opvoeden nu problemen geworden waar kinderen en ouders professionele zorg bij vragen’, vertelt Levi van Dam, orthopedagoog en wetenschapper aan de Universiteit van Amsterdam. ‘Tegelijkertijd worden psychosociale problemen bij kinderen en jongeren vooral veroorzaakt door factoren in de omgeving, zoals opgroeien in armoede, in een achterstandswijk of in een vechtscheiding. Juist kwetsbare gezinnen hebben daarom ondersteuning nodig zodat kinderen veilig, kansrijk en gezond kunnen opgroeien.’

Laat kinderen zelf oplossingen verzinnen

Van Dam maakt samen met hoogleraar Design for Experience Pieter Desmet van de Technische Universiteit Delft en lector jeugd Dorien Graas van hogeschool Windesheim deel uit van een team van wetenschappers dat de handen ineen slaat om een oplossing te vinden voor de groeiende druk op de jeugdzorg en mentale problemen onder jongeren. Centraal staat om kinderen en jongeren zelf oplossingen te laten verzinnen. ‘Ons ontwerpgerichte onderzoek gaat de creativiteit van kinderen inzetten om tot concrete oplossingen te komen die het pedagogische klimaat kunnen verbeteren. In het ontwerpproces worden gemeenten, professionals, ouders én jongeren aan elkaar verbonden’, legt Desmet uit. Het team richt zich hierbij op jeugdigen die opgroeien in armoede, in een achterstandswijk of in een vechtscheiding.

Meer inzicht in eigen talenten

De onderzoekers hopen kinderen en jongeren in staat te stellen om op een positieve manier hun eigen opvoed- en opgroeivraagstukken aan te kaarten en samen met hun omgeving aan een omgeving te werken waarin ze optimaal kunnen opgroeien. ‘Door de ervaring dat zij de belangrijkste ontwerpers zijn, krijgen de kinderen en jongeren meer zicht op hun eigen talenten en meer zelfvertrouwen en autonomie’, stelt Graas. Een reeks interventies - zoals campagne, spel en app - moeten tot slot bijdragen aan het normaliseren en demedicaliseren van opvoed- en opgroei-ondersteuning.

Aan het onderzoek doen mee wetenschappers van de Universiteit van Amsterdam, TU Delft, Hogeschool Windesheim, Rijksuniversiteit Groningen, Stichting Kinderperspectief, Garage2020 en SWV Amsterdam-Diemen. Het onderzoek is 1 mei van start gegaan.