Veerle Cannegieter schrijft op dit moment haar scriptie voor de master Geschiedenis van de internationale betrekkingen.
‘Ik woonde al in Amsterdam, maar ik haalde mijn bachelor Bestuurskunde aan een andere universiteit in een andere stad. Tijdens mijn bachelor heb ik de minor Geschiedenis aan de UvA gedaan. Ik bloeide daar helemaal op, de minor bleek gevuld met creatieve leerlingen en docenten. De werkgroepen waren klein en er was aandacht voor ons als individu. Toen ik mijn bachelor Bestuurskunde aan het afronden was, werd het tijd om na te denken over een master. Terugdenkend aan hoe goed de minor mij beviel, besloot ik al snel te gaan kijken naar masters aan de UvA. Geschiedenis van Internationale Betrekkingen trok meteen mijn aandacht. Mijn achtergrond in bestuurskunde, maar ook mijn voorliefde voor geschiedenis kwamen in deze master samen. Daarnaast viel mij meteen op dat het een kleine master is, wat ik ook een fijn idee vond.’
‘Tijdens het eerste semester gingen we in het Kernvak Geschiedenis van Internationale Betrekkingen met vaart door diverse internationale thema's. Elke week werd er nieuwe (historische) literatuur opgelegd om te lezen en hierop vervolgens tijdens de werkgroep met elkaar in gesprek te gaan. Zelf heb ik geen geschiedenisachtergrond; de artikelen en de manier van lezen, analyseren, documenteren en het brongebruik waren anders dan hoe ik het vanuit mijn vorige studie had aangeleerd. Maar door de intensieve en enthousiaste werkhouding van de studenten, kon ik snel meekomen. Het was juist heel leuk om te leren vanuit een ander perspectief. Verschillende gastdocenten gaven college over telkens een ander onderwerp. Eén college ging over de rol van vrouwen en genderperspectief, een thema dat mij na aan het hart ligt. Het was inspirerend dat dit college werd gegeven door iemand die zelf onderzoek doet naar het onderwerp, en interessant om daarna met klasgenoten en de hoofddocenten van de master de discussie aan te gaan over wat dit thema in bredere context betekent.
Een van de meest inspirerende momenten tijdens de master was het uitstapje naar het archief van Beeld en Geluid. Zelf had ik nog niet eerder gewerkt met bronnen die direct uit het archief komen, maar altijd alleen gewerkt met secundaire literatuur. Tijdens deze middag kwam ik erachter hoeveel waardevolle informatie te vinden is in primaire literatuur en dat dat echt niet alleen wetenschappelijke teksten hoeven te zijn. Kennis kan ook voortkomen uit videofragmenten, foto’s en geschreven primaire bronnen. Dit was voor mij een heel interessant en inspirerend inzicht.’
‘Het is een kleine master, wat mij goed bevalt. Hierdoor is er ruimte voor eigen individuele ontwikkeling en voel je je als student ook serieus genomen. In het eerste blok zijn er veel gastcolleges; na het college wordt in kleine werkgroepen met de hoofddocenten hierop gereflecteerd. Dit houdt het contact persoonlijk, waardoor je veel van elkaar kunt leren. Er hangt een positieve sfeer in deze master, wat mij alleen nog maar meer motiveert.’
‘Ik wil mijn master het liefst afronden met ervaring opdoen in het werkveld door middel van een stage. Na het afronden van de master zou ik eventueel verder willen leren in de vorm van een Rijkstraineeship.’
‘Tijdens het kiezen van mijn master heb ik heel bewust gekeken naar waar mijn interesses liggen, maar ook naar waarin ik mijn kennis zou willen verdiepen. Eerst leek het mij spannend om een master te gaan doen die niet overeenkomt met mijn bachelorachtergrond. Maar als je een minor in geschiedenis hebt gedaan en geschiedenis interesseert je, dan kan ik het zeker aanraden. Het is wel een intensieve master, al helemaal als je moet wennen aan een andere onderwijsvorm. Maar door goede ondersteuning van de docenten en medestudenten kun je snel groeien en juist nieuwe vaardigheden ontwikkelen. Ik raad iedereen deze master aan die van geschiedenis en internationale politiek houdt!’