Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Bachelor Informatiekunde

Studieprogramma

Het studieprogramma van de bachelor Informatiekunde is zo opgebouwd dat je in drie jaar tijd kennis opdoet van de verschillende disciplines waar het vakgebied uit bestaat, namelijk: ICT, bedrijfskunde, psychologie, communicatie en nieuwe media. Je leert hoe je deze kennis kunt inzetten voor het oplossen van informatiekundige vraagstukken en ontwikkelt daarnaast praktische ontwerp- en programmeervaardigheden. Ook besteden we veel aandacht aan het ontwikkelen van academische vaardigheden zoals communiceren, schrijven en presenteren en oriëntatie op de arbeidsmarkt.

Opbouw studiejaar

Een studiejaar bestaat uit twee semesters die elk weer zijn opgedeeld volgens het 8-8-4 schema: twee blokken van acht weken gevolgd door een blok van vier weken. In de blokken van acht weken volg je doorgaans twee vakken met hoorcolleges, werkcolleges en practica. In de blokken van vier weken volg je één vak of doe je een project waarbij je in een groep met medestudenten werkt aan een grote opdracht onder begeleiding van een docent. Daarnaast volg je het hele jaar door het practicum Academische Vaardigheden (jaar 1) of Oriëntatie en Reflectie (jaar 2). De meeste vakken worden afgesloten met één of meerdere toetsen, zoals een schriftelijk of mondeling tentamen, een werkstuk of een eindpresentatie.

  • Jaar 1

    In het eerste jaar krijg je een inleiding in de kennisgebieden technologie, mens en bedrijfskunde. Met medestudenten ga je aan de slag met een project waarin deze onderwerpen samenkomen, en je zet je eerste stappen op het gebied van programmeren en ontwerpen. In het Practicum Academische Vaardigheden ontwikkel je vaardigheden zoals academisch schrijven en presenteren.

    Curriculum schema Informatiekunde jaar 1
  • Jaar 2

    In het tweede jaar verdiep je je verder in technologie en mens, en ga je aan de slag met bedrijfskundige vakken zoals Netwerkorganisaties en Informatie en Kennismanagement. In het practicum Oriëntatie en Reflectie maak je kennis met het beroepsveld.

    Curriculum schema Informatiekunde jaar 2
  • Jaar 3

    In het derde jaar heb je volop keuzeruimte. Je kunt je hele eerste semester vullen met losse keuzevakken of je volgt een minor bij een andere opleiding. In het tweede semester volg je deze vakken naast het afstudeerproject: Data Science en Onderzoeksmethoden en –technieken.

    Je sluit je bachelor af met een afstudeerproject. Daarin voer je zelfstandig een onderzoek uit waarbij je gebruik maakt van de vaardigheden die je in de voorgaande jaren hebt opgedaan. Dit kan in een stage-opdracht bij een bedrijf of andere organisatie, maar ook bij een informatiekunde-onderzoeksgroep binnen de UvA. Na afronding van de bachelor Informatiekunde ontvang je het bachelordiploma en de titel Bachelor of Science (BSc).

    Curriculum schema Informatiekunde jaar 3
Curriculum schema: het studieprogramma in één oogopslag

Digitale studiegids: informatie over alle vakken (2018-2019)

Een typische week bij Informatiekunde

Informatiekunde aan de UvA is een voltijdstudie. Dat betekent dat je ongeveer 40 uur per week met de studie bezig bent. Hiervan bestaat de helft uit contactonderwijs. De andere helft van de tijd gebruik je voor zelfstudie. Je doet al je werk op je eigen laptop, die je altijd bij je hebt. Bij Informatiekunde gebruiken we de volgende onderwijsvormen:

  • Hoorcollege
    In hoorcolleges licht een docent de stof toe die je hebt gelezen en krijg je de gelegenheid om vragen te stellen.
  • Werkcollege
    Tijdens een werkcollege maak je opdrachten over de stof die tijdens het hoorcollege is besproken. Dit doe je in kleinere groepen van 4 à 5 studenten onder begeleiding van een docent.
  • Practica
    Practica bestaan uit opdrachten die je individueel of in tweetallen uitvoert. De begeleiding van practica is in handen van docenten, onderzoekers of studentassistenten.
  • Projectgroep
    Tijdens een project ga je in een groepje van twee tot vijf studenten vier weken aan de slag om aan een grote opdracht te werken. Je wordt begeleid door docenten.

Door naar: